Posts tonen met het label leefbaarheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label leefbaarheid. Alle posts tonen
zaterdag 1 februari 2014
Minister Dijsselbloem en Raf Daenen (PvdA raadslid) Eensgezind in Jeugdbeleid
‘I want it all’ is niet de weg
Minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem (l) sloot een werkweekje Hongkong, Singapore en Japan af in de Beerzen. De Oirschotse PvdA-voorman Raf Daenen wist hem zondag 19 januari naar talkshow Beers’ Gebuurt te halen, om daar een speciale gastrol te vervullen. De twee vertellen over hun bijzondere vriendschap, over hun gezamenlijke en stevige interesse in jeugdzaken en over de kracht van (kleine) gemeenschappen.
door Rens van Ginneken
Als Minister van Financiën én voorzitter van de Eurogroep, in tijd van crisis, is hij ongetwijfeld een van de meest invloedrijke Nederlandse politici op dit moment. Dan ben je als journalist natuurlijk blij als hij jouw kleine dorpje aandoet en nog blijer dat jij de gelukkige bent die een interview mag afnemen. Na een drukke week in het Verre Oosten oogt Dijsselbloem toch nog redelijk fris en geniet hij zichtbaar van de dorpse perikelen in talkshow Beers’ Gebuurt. ‘Wat een opkomst, heel mooi zeg!’, verklaart de minister in de pauze, even rustig gestationeerd in een aparte ruimte. Een oogopslag en karakteristieke krullendos die je niet snel vergeet. Hij is ook langer dan verwacht. Het gesprek komt al gauw op zijn vriendschap met Raf Daenen. De twee hebben vrij intensief telefonisch en sms-contact, maar bezoeken elkaar ook weleens thuis. Wat is de verbinding tussen ‘Eurotopper’ Jeroen Dijsselbloem en de Westelbeerse dorpspolitieker Daenen? ‘We zijn al een jaar of zes, zeven bevriend, sinds we elkaar ontmoetten tijdens een bijeenkomst over jeugdbeleid’, opent Dijsselbloem. Daenen lacht: ‘Het was in de tijd dat de PvdA het bij de Europese Verkiezingen bar slecht had gedaan. We zaten daar dus met 75 gefrustreerde PvdA-leden.’ En hielden de zaal voor dat uiteindelijk we met zijn alle moeten zorgen dat mensen zich blijven herkennen in de PvdA. Dijsselbloem vervolgt: ‘We ontmoetten elkaar daarna geregeld en we bleken met name met jeugdbeleid aardig op één lijn te zitten. We vinden allebei dat we ons niet eenzijdig op de overheid moeten richten als instantie die alles wel regelt, maar dat het werken van “onderaf” vaak veel doeltreffender en sneller gaat.’ Daenen is al behoorlijk lang bezig met deze thematiek, hij schreef er samen met Willem Vermeulen in 2012 nog een boek over, ‘Perspectief op een maatschappij in crisis’, dat hij toen, nog in mijn voor minister tijd aan mij bij Fontys Socialestudies aangeboden heeft. Hij raakte geïnspireerd door de vele mooie dingen in zijn omgeving die de leefbaarheid ten goede komen. ‘Er zit enorm veel kracht in de gemeenschappen, met name in de kleine. Als je die kan mobiliseren, dan kun je heel veel zelf’, is zijn overtuiging.
Een beetje gek
Dijsselbloem glimlacht. ‘Eigenlijk zijn we van een wat ouderwetse stroming binnen de partij, met sterke accenten op pedagogische en opvoedkundige waarden. Normatief ingesteld, een beetje moralistisch, zo je wilt. Het is volgens mij een logische reactie op het liberalisme van de laatste decennia. Iedereen moest het zelf maar weten, zo leek het. Maar als er amper sturing is, zie je toch ongewenste uitwassen ontstaan. Meisjes moeten het dan maar normaal vinden dat ze in videoclips voor ‘hoer’ of ‘bitch’ worden uitgemaakt. Kinderen zien dat op tv ook voorbij komen.’ Raf Daenen valt hem bij: ‘Wat meer pedagogische insteek heeft de samenleving wel nodig. Bijvoorbeeld met de nieuwe technische mogelijkheden, denk aan sociale media, is er behoefte aan een nieuw kader. Kwetsbare kinderen moeten wel beschermd worden. Er zijn nog steeds loverboys.’ Dijsselbloem weer: ‘Het toegenomen individualisme vanaf de sixties was een logische reactie op de starre jaren ’50. Vrijheid is een groot goed om te koesteren, maar als individualisme uitmondt in ‘I want it all, and I want it now’, dan moeten we bijsturen, anders gaat de maatschappij eraan onderdoor.’ Daenen: ‘Mede dankzij Jeroen Dijsselbloem is het thema “jeugd” weer terug op de agenda. Er ligt een zware opdracht.’ Dijsselbloem zelf gelooft in aanpak aan de voorkant. ‘Je kunt heel veel bezuinigen op jeugdbeleid, als je maar niet accepteert dat zoveel jongeren in de problemen komen. Dus zorgen voor vroegtijdige opvang, preventie, een plek kunnen vinden. De Nederlandse samenleving was “een beetje gek” geworden: we komen pas in actie als het kind diep in de problemen zit. Het bezuinigde geld vliegt er dan dubbel zo hard uit aan intensieve, professionele zorg.’ Daenen weer ‘opvoeden begint thuis in de buurt, bij verenigingen in de kroeg en op het werk.’
Leuke miljoenen
Als je dan toch eens een Minister van Financiën mag bevragen: hoe zou hij adviseren, mocht hij ’t voor het zeggen hebben in Oirschot, om te gaan met tientallen leuke miljoenen extra in kas, dankzij de lucratieve verkoop van het woningbedrijf? Hij kijkt even bedenkelijk. Op dit moment heeft hij mogelijk meer zicht op het huishoudboekje van Cyprus en Portugal dan op dat van Oirschot. ‘Ik ken de plaatselijke situatie natuurlijk niet. Maar mijn algemene advies zou zijn: zo’n grote eenmalige meevaller heb je waarschijnlijk maar één keer. Ik zou het niet “zomaar” in een keer uitgeven, of gebruiken om allerlei begrotingsgaten te dichten. Als het enigszins kan zou ik het steken in het versterken van het “weefsel” van het dorp. Iets van blijvende waarde, zodat je over vijftig jaar nog kan zeggen: “dat hebben we toen gedaan om het dorp beter te maken”. Daenen denkt ook in die richting en durft wel iets specifieker te zijn. ‘Steek het in betaalbare woningen, zodat we de jongeren hier kunnen houden en steek energie in een goed bedrijfsklimaat hier, voor onze werkgelegenheid, misschien ook in een MFA in Spoordonk en Oostelbeers maar dan moet er wel een gezonde exploitatie onder.’ De Pauze en gesprek zijn voorbij. Twee vrienden dompelen zich weer onder in de genegenheid van een volgepakt dorpszaaltje.
woensdag 6 november 2013
Algemene beschouwingen Obama geïnteresseerd in begrotingstruc Oirschot
Algemene beschouwingen 2014, PvdA
Ik hoorde een klikje op mijn telefoon en riep heel hard en boos in mijn telefoon: “wie luistert mij af?” Een beduusd stemmetje zei: “Ik, zwarte Piet Obama”. Daarop zei ik heel toegeeflijk: “Barak, vraag maar, ik heb niets te verbergen, en de volgende keer graag gewoon bellen.”Daarop begon Obama: “Mister Daenen, would you be so kind to ask your Mayor how…” Ik onderbrak hem met de woorden: ”Zeg, Barak jij had toch Nederlandse roots, je kunt gewoon Nederlands praten”. Waarop hij zei: “Raf, wil je aan het college vragen hoe zij in staat zijn een begrotingstekort van1,5 miljoen met 1 pennenstreek weg te werken. Dan hebben wij in Amerika ook geen shut down meer nodig.”…
Als PvdA zijn we tevreden over de aangeleverde informatie, het in de financiële diepte duiken laten we graag over aan fracties uit de coalitie.
Als PvdA vinden we dat de gemeentefinanciën overzichtelijker zijn geworden, maar daardoor zien we ook dat er van de beoogde bezuinigingen slechts de helft gerealiseerd is en de andere helft wordt geput uit de algemene reserve, extra kredieten voor organisatie-ontwikkeling, bestemmingsplan buitengebied en hersteloperatie mbt beheersplannen groen en wegen. Daaraan wordt dan nog de grote rentetruc toegevoegd en dan hebben we een reëel beeld van hoe deze regering omgaat met de gemeentefinanciën.
Visie: Oirschot een kwalitatief groene gemeente die bewust stuurt op samenhang met haar omgeving en werk maakt van een actieve gemeenschap.
Als PvdA willen we investeren in de gemeenschappen, leefbaarheid, participatie en op de samenleving gerichte activiteiten.
Juist in deze tijd van crisis is inkomensondersteuning en armoedebeleid erg belangrijk. Wij willen de extra rijksgelden in 2013 voor armoedebeleid oormerken zodat ze niet opgaan aan lantaarnpalen en we het belastingkwijtscheldingsbeleid weer kunnen invoeren. Wij zullen hiervoor een motie indienen.
Als PvdA hebben we bij de Kadernotitie het voorstel gedaan om voor de kernen Oostelbeers en Spoordonk in het kader van de leefbaarheid 1 miljoen te reserveren. Zou een dergelijke investering een bijdrage kunnen leveren aan het behoud en de transformatie van de kerken in het kader van de leefbaarheid? Wij zullen een motie indienen om daar waar er in dit kader initiatieven komen uit de gemeenschappen van Oostelbeers en Spoordonk hier constructief in mee te denken en in redelijkheid hier een bijdrage aan te leveren.
Als PvdA merken we in het kader van Brainport maar ook in het kader van horeca en toerisme dat ondernemers last hebben van het prisoners dilemma: samen kom je verder, maar het gaan voor het persoonlijk gewin op de kort termijn is sterker. Echter, daadoor kom je er gezamenlijk uiteindelijk slechter uit.. Hier lag een uitdaging om vanuit een gemeenschappelijke visie samen aan een economisch actieplan te werken;
Wij hebben met zijn allen Oirschot als schaliegasvrije gemeente benoemd, de volgende stap is dat we zullen moeten investeren in andere duurzame energie. Ik nodig andere fracties uit om andermaal in gezamenlijkheid een motie te formuleren die een aanzet biedt om initiatieven in dit kader te ondersteunen.
Volgens ons heeft de wethouder infrastructuur ooit gezegd dat heel Oirschot voor niets ofvoor weinig zou kunnen beschikken over glasvezel. Hoe ver zijn we hier mee? Ook hier nodig ik andere fracties uit om met een stimulerende motie te komen
Decentralisaties, participatie en kanteling
Als PvdA hebben we constant het College gestimuleerd om er zich voor in te spannen dat de kracht van de gemeenschap en de mensen tot haar recht komt.
Burgerparticipatie, burgerkracht, overheidsparticipatie blijken in de praktijk weerbarstig en lastig te realiseren, met name door de verschillende rollen van de betrokken partijen en het feit dat mensen veranderen nu eenmaal moeilijk is. Dat is de reden dat er geen echte stappen gezet worden. Vandaag konden we weer eens in de krant lezen dat de vier grote gemeenten in Brabant worstelen met de vormgeving van CJG. Voor de kleine gemeenten geldt dit net zo goed, zoals een rapport van het PON aangeeft. In Oirschot zijn we ook nog niet veel opgeschoten, al hebben we er zelfs een speciale wethouder voor gehad!
Ik wil beginnen met de Wethouder maatschappelijke ontwikkeling en de afdeling een compliment te geven over de kwaliteit van de antwoorden op de niet technische vragen die wij als PvdA gesteld hebben
Over de visie waren we het snel eens, dicht bij huis, een gezin, een plan, een regisseur. Maar als we de eigen en andere heilige huisjes moeten opgeven dan wordt het een ander verhaal.
De steeds weer terug kerende vraag is; hoe doen we dat
De antwoorden zijn tot nu toe: Bla bla bla bla bla
De visie en uitgangspunten achter de afzonderlijke decentralisaties zijn vergelijkbaar en vragen om een nieuwe benadering, ofwel een transformatie van het sociale domein: meer participatie en eigen kracht van de burger (zelfredzaamheid), minder bureaucratie, meer slimme combinaties om echte resultaten te bereiken in het sociale domein, een beperktere rol van de overheid en vermindering van de inzet van overheidsgeld. Hiervoor is een andere rolverdeling tussen burgers, maatschappelijke instellingen en de overheid noodzakelijk.
Nu volgt het antwoord; de organisatie
De organisatie van de uitvoering van de verschillende decentralisaties stemmen we zoveel mogelijk op elkaar af. Bij elke decentralisatie denken we na over de invulling van een front- en backoffice en zaken zoals inkoop- en aanbesteding. Er zit daarnaast overlap in organisaties waarmee we gaan samenwerken. Naar verwachting kunnen we ook op het moment vanorganisatie veel zaken integraal oppakken.
We zijn dan ook in overleg met organisaties, instellingen en andere gemeenten om zowel beleid verder uit te werken als om kennis te delen.
Wat wordt hier nu echt gezegd. Er moet heel veel gebeuren. We zijn afhankelijk van elkaar, we hebben geen enkele doorzettingsmacht of eindverantwoordelijkheid. Het instrumentarium van aanbesteding en de bestaande organisaties passen niet op wat er nodig is aan organiserend vermogen. En zolang er geen echte ongelukken gebeuren interesseert de rest ons niets.
Kortom, het hulpverleningsgebouw is versleten, renovatie helpt niet meer. Het is tijd voor een nieuw gebouw en een andere organisatie. De vraag is: wie pakt het op? Mocht ik ooit nog eens wethouder worden, dan overweeg ik sterk om alle geld op een hoop te gooien en vanuit het gemeentehuis in Oirschot of ons mevrouw in de Beerzen een eigen organiserend centrum te scheppen. Iedereen die er vanuit de oude organisaties komt werken moet eerst een maand organisatie- en bureaucratie afkickprogramma volgen. Zitten we alleen nog met de vraag wie verzorgt de afkickprogramma’s voor landelijke pers en politiek? Ook de burgers en mensen in verantwoordelijke functies behoeven ondersteuning, begeleiding en vorming voor de nieuwe professionele zelfoplossende samenleving.
maandag 18 maart 2013
Waar Den Haag kan leren van Utrechtse Heuvelrug en Oirschot
Droomland, het nieuwe opbouwwerk met participatie als perspectief
Een democratie die zichzelf voortdurend aanpast aan voorbijtrekkende ontwikkelingen krijgt te maken met het dilemma van moeten besturen van het onbestuurbare. Dit dilemma kan slechts worden opgelost als beleidsmakers weten wanneer ze nodig zijn en wanneer ze weg moeten blijven.
Tijden van crisis
Hoe functioneert de democratie in de huidige crisistijd? Dan gaat het niet alleen om de economische crisis. Belangrijker is de maatschappelijk crisis die steeds zichtbaarder wordt. Denk aan de nadelige effecten van de globalisering, de afbraak van voorzieningen, de schaalvergroting, de bestuurlijke zelfverheerlijking, het grote graaien, het individualisme, het cultiveren van tegenstellingen tussen groepen in de maatschappij, geweld in de openbare ruimte, het rennen van sensatie naar sensatie, de boodschappen van bezuinigen en nog eens bezuinigen, welvaartsziekten, prestatie-eisen, het leggen van de verantwoordelijkheid bij anderen, enzovoort. Is de democratie sterk en flexibel genoeg om dit soort verschijnselen goed te kanaliseren, of verliest het de grip? Is het fundament van onze samenleving nog wel sterk genoeg voor een democratisch functioneren? Wat moet de rol van politici hier in zijn?
Van crisis naar kans
Intussen zijn veel mensen de politieke kopstukken met hun loze beloften en populistische uitspraken beu. Door politici wordt er van alles geroepen, maar er gloort vooralsnog geen perspectief. Het lijkt alsof de politiek steeds meer wordt geregeerd door de waan van de dag. Wat is eigenlijk de echte agenda van de verschillende politieke partijen? Wat bedoelen politieke leiders met mooie leuzen, zoals “we moeten er met z’n allen de schouders onder zetten”, “we moeten investeren in plaats van bezuinigen”, “we moeten de pijn eerlijk verdelen”? De politieke arena krijgt het karakter van een plek waar men alleen nog tegen elkaar vecht, elkaar de loef probeert af te steken, zo nodig emotionele chantage pleegt, om het eigen gelijk aan te dikken. Dit werkt contraproductief, en kost veel nutteloze energie, die beter ingezet kan worden voor constructieve acties.
Denk daarbij aan de actie van minister Dijsselbloem om draagvlak te vinden voor bezuinigingsplannen bij de oppositie. Misschien had dat iets aandoenlijks maar ook iets krachtigs, het straalde uit dat we samen verantwoordelijk zijn. Het laat zien dat crisis om verbinding vraagt en om het zoeken naar onconventionele oplossingen.
Signalen van een positieve invalshoek bij het aanpakken van crisissen zijn vaker te vinden in de kleine wereld, in onze directe omgeving. In de kleine wereld vinden we genoeg voorbeelden van samenwerken aan samenleven, en de voorbeelden schetsen nog altijd een vitale samenleving.
De Haagse politiek kan hier nog van leren.
Het perspectief wordt pas zichtbaar als we samen zin kunnen geven aan ons bestaan, als we beseffen dat we het met elkaar moeten rooien. Als we van elkaar accepteren dat niet alles perfect kan zijn en niet hoeft te zijn. Daarom spreken we van samen werken aan samenleven: we moeten met elkaar actief constructief optrekken. Dat geeft uiteindelijk een voldoening die het materieel gewin kan overstijgen. Ook in het delen van verlies kunnen we zin en betrokkenheid vinden. De politici kunnen de vitale samenleving ondersteunen door ruimte te geven, te laten groeien, het aandurven om zich niet overal in te mengen. Voor een aantal beleidsbepalende personen zal dat een oefening in nederigheid betekenen. Zij moeten zich herbezinnen op de dienende taak die politici en maatschappelijke kopstukken van oorsprong hebben. Dat betekent dat men veel meer voorwaardenscheppend dan handhavend moet optreden, dat men mensen moet leren om hun eigen problemen, voor zover beheersbaar, op te lossen. Dat zal aanvankelijk gepaard gaan met weerstand, maar ook hier geldt: de aanhouder wint.
Voorwaardenscheppend bezig zijn, wat betekent dat? In de huidige samenleving worden te vaak structuren opgelegd die hun doel voorbij schieten. Tegelijkertijd is op een aantal terreinen waar structuur nodig of wenselijk is, de marktwerking bijna heilig verklaard. Denk maar aan het openbaar vervoer of de zorg. Hier zou de overheid regulerend moeten optreden. Anderzijds vernieuwt de maatschappij. De sociale media bieden kansen en uitdagingen. Via deze media kunnen mensen worden opgeroepen zich in te zetten in hun nabije omgeving. Dat gebeurt op grote schaal, in de wijk, bij de voetbalvereniging, op scholen, in de zorg. Een adequate overheid signaleert deze ontwikkeling niet alleen, maar faciliteert, en vult waar nodig hiaten op. Een proactieve gemeenteraad stuurt aan de voorkant, door in samenspraak kaders vast te stellen, die overigens niet knellend moeten zijn. De raad stuurt ook aan de achterkant door te toetsen hoe de kaders hebben gefunctioneerd, en wat er kan worden aangepast. Niet om te veroordelen, maar om te leren en te verbeteren.
Geef decentralisatie een kans
Neoliberale bestuurders in de publieke sector hebben te vaak gehandeld als aandeelhouders die elk jaar een hoger winstpercentage eisen. Dan gaat het eenzijdig om financieel profijt. Maar winst in het samenleven is veel belangrijker: leveren bestuurlijke besluiten positief actieve burgers op, die voor lastenverlichting op maatschappelijk vlak zorgen? Als het sociale weefsel in de samenleving wordt verstevigd dan levert dat besparing op in procedures en bureaucratie. En omdat het leven leuker wordt, ook besparing van zorgkosten. Dit speelt zich af in de kleine wereld. Door de decentralisatie van de jeugdzorg, de overheveling van de extramurale begeleiding en dagbesteding, de Wmo en de invoering van de Participatiewet krijgen gemeenten zeggenschap over de hele sociale sector. Hier liggen dus kansen. Als decentralisatie plaatsvindt in de juiste context, in de directe leefwereld van de burgers, dan kan dat gemeenten stimuleren om vaker een beroep te doen op de eigen kracht van mensen. Zo kunnen gemeenten uitkeringsgerechtigden inzetten als vrijwilliger voor voorzieningen vanuit de Wmo, waardoor zij iets voor anderen betekenen en een tegenprestatie voor hun uitkering leveren. In het kader van integratie van allochtonen kan worden gestimuleerd tot ontmoeting van culturen en religie. Jeugdzorg wordt werken met onze jeugd aan hun toekomstdroom. Kwetsbaren kunnen worden ingezet op de arbeidsmarkt, in bedrijven en in het publieke domein. Dat levert nu nog onontgonnen sociale en materiële opbrengsten. Denk aan de sportclub die jongeren met een verstandelijke beperking mee laat spelen. Ouderen kunnen zich voor de maatschappij in blijven zetten, ook als het fysiek allemaal minder wordt. Ze kunnen deel uit blijven maken van het kerngezin en het leven van de gezinsleden meerwaarde en historische verankering geven.
De maatschappelijke crisis biedt mogelijkheden om de zaken weer in balans te brengen, om bakens te verzetten, om mensen weer verantwoordelijkheid te geven in hun eigen leefomgeving. Gemeenten kunnen hieraan bijdragen door het opzetten van een faciliterend loket en het organiseren van maatschappelijke betrokkenheid. Het gaat er daarbij om dat je als gemeente iets wil losmaken. In een gemeente als Oirschot of op de Utrechtse Heuvelrug zijn geen ambtenaren nodig die zich beroepen op regels en procedures. Ambtenaren moeten mensen activeren, de samenleving in beweging brengen vanuit een inhoudelijke professionele deskundigheid en wil tot communicatie. Vaak hebben we het over burgerparticipatie, maar hier gaat het in feite om evenwaardige overheidsparticipatie. Niet van bovenaf, maar als gelijke partij. Dat stimuleert tot actief burgerschap. Dat is geen garantie voor succes, maar het kan wel werken bij de concrete aanpak van sociale vraagstukken. Er is dan voldoende bewegingsvrijheid voor burgers in overleg met een betrokken ondersteunende gemeente. De gemeente houdt gepaste afstand maar geeft aandacht en waardering aan burgers die optreden als trekker, bouwer of verbinder in het dorp of in de buurt. Ook op decentraal niveau geldt dat de makt moet doen waar de markt goed in is, en de overheid moet doen wat het algemeen belang dient. Dat laatste betekent dat niemand in de belangenafweging wordt overgeslagen. Een terugtredende overheid is niet hetzelfde als meer markt, maar biedt de ruimte voor actieve burgerparticipatie. Daar hoort ook eigen verantwoordelijkheid van burgers bij, met rechten en plichten.
Betrekken van burgers
Evelien Tonkens meent dat eigen verantwoordelijkheid van burgers in Nederland is opgezet vanuit een negatieve insteek: mensen hebben de plicht om meer eigen verantwoordelijkheid te nemen. De positieve opbrengsten van eigen verantwoordelijkheid moeten, zoals in Engeland, meer centraal komen staan. Betrekken van burgers is geen overdracht van macht aan burgers maar wel een uitnodiging tot nemen van verantwoordelijkheid. Eigen verantwoordelijkheid speelt zich af in de relatie tussen mogelijkheden, behoeften, knelpunten en beperkingen. Het gaat er om dat mensen worden geholpen om weer grip te krijgen op de complexe samenleving, maar ook dat ze leren het eigen belang te relateren aan grotere verbanden waar we deel van uitmaken. De voorbeeldfunctie van maatschappelijke sleutelfiguren is daarbij essentieel. Met goed voorleven kan het menselijk bestaan nieuwe betekenis krijgen: het gaat niet om zoveel mogelijk materiële rijkdom te verzamelen, maar om de rijkdom van de geest te ontplooien in ontmoeting met elkaar.
Voorleven hoe doe je dat?
Voor het goed voorleven is een aantal vuistregels van belang:
• Je moet het maatschappelijk perspectief zien en van daaruit durven en kunnen veranderen
• Er moet beter gebruik worden gemaakt van de deskundigheid van burgers en professionals
• Laat je gedrag leiden door zorg voor elkaar door materiële en sociale duurzaamheid
• Besteed in plannenmakerij zorgvuldig en vroegtijdig aandacht aan het maatschappelijk proces
• Creëer ruimte voor persoonlijke en maatschappelijke groei, ook om fouten te maken
• Neem besluiten als resultaat van creatieve confrontatie
• Werk vanuit kracht in plaats van macht.
De samenleving heeft de potentie om vraagstukken op te lossen en de overheid heeft de middelen om daar een bijdrage aan te leveren. Beleidsmedewerkers handelen in de geest van de maatschappelijke vragen en ondersteunen de burgers in constructieve en soms confronterende dialoog..De gemeenteraad toetst ontwikkelingen en problemen aan het maatschappelijke krachtenveld en besluit in wijsheid.
Voorleven in maatschappelijk perspectief van betrokkenheid en verantwoordelijk samenleven
De essenties van een nieuwe maatschappij kunnen het best worden beschreven aan de hand van tegenpolen van maatschappelijk functioneren:
- groei en mogelijkheden bieden versus controleren en straffen
- organiseren versus organisatiekaders
- dienstbaar leiderschap versus zelfverrijkende machtswellust
- professionele betrokkenheid versus bureaucratie
- verantwoordelijkheid nemen versus procedures volgen
- kwetsbaar kunnen opstellen versus jezelf indekken
- positieve kracht in mediaboodschappen versus stemmingmakende verhalen
Beleidsmakers moeten de samenlevingsinitiatieven in de kleine wereld benutten. Denk aan voorbeelden zoals de afspraak om bij de voetbalclub goede omgangsvormen te gebruiken, tafeltje dek je van de Zonnebloem, voorleesmoeders, studiemaatjes, musical van de locale vereniging, de buurtbarbecue, het dorpscafé, de carnavalsoptocht, vrijwillige thuiszorg, dress for success. Zo zijn er honderden voorbeelden van maatschappelijke betrokkenheid die duizenden kansen bieden om de regie weer terug te brengen waar deze in de samenleving thuis hoort. Mensen zetten zich in voor de gemeenschap en dat biedt persoonlijke groei, geeft zin en het stimuleert velen tot meer.
Het nabij organiseren van samenleven geeft door goed voorbeeldgedrag ook een aanzet tot goede veranderingen in de grote wereld; aan de slag, samen sterk, overbruggen van verschillen in opvattingen, cultuur of religie. Participatie vraagt om positieve energie, om een luisterend oor, om een dienende rol van politici en beleidsambtenaren, om een constructieve instelling over ieders bijdrage aan het samenleven.
Willem Vermeulen psycholoog
Raf Daenen fractievoorzitter PvdA oirschot
Beiden auteur van boek "perspectief van maatschappij in crisis" Boomlemma 2012
dinsdag 19 februari 2013
Oirschot de parel van brainport
Doelgerichte en ordelijke samenwerking: opschalen gemeenten een non-discussie
We moeten zorgvuldig met gemeenschapsmiddelen omgaan! Maatschappelijke functies moeten op het juiste schaalniveau worden gerealiseerd. Voor een ziekenhuis hebben we een verzorgingsgebied van 400.000 inwoners nodig, voor een GGZ instelling misschien wel het dubbele en voor gespecialiseerde en gedwongen jeugdzorg is zelfs de SRE-regio te klein.Het gaat in essentie om de vraag hoe samenwerking efficiënt kan worden georganiseerd. Ondersteunende infrastructuur waar iedereen recht op heeft en gebruik van maakt (zoals water, elektriciteit, openbaar vervoer, informatie, onderwijs en zorg) kan door standaardisatie efficiënt in samenwerkingsverbanden georganiseerd worden.
We moeten ook van het beeld af dat de overheid alles moet organiseren en dat ook beter kan. Kijk naar onze economische samenwerking. Hier vervult het SRE slechts een financieel marginale rol; het is het samenwerken in de triplehelix (overheid, kennisinstellingen en overheid) dat Brainport op de kaart zet.
Ik onderscheid twee niveaus van gemeentelijk functioneren. Het ene is het niveau van de leefbaarheid (jeugd, onderwijs, verenigingen van cultuur en sport, participatie en zorg voor elkaar). Op dit niveau verschillen stadsdelen en dorpen niet zo veel van elkaar. Het aantal inwoners ligt hier in de orde van grootte van zo’n 20.000. Willen we dat mensen verantwoordelijkheid voor elkaar nemen dan is overzicht, betrokkenheid en identificatie noodzakelijk. De decentrale krachten moeten we koesteren. En, hoewel nieuwe media steeds grotere werelden ontsluiten, zal het uitvoeren van allerlei leefbaarheidsactiviteiten toch in de nabijheid moeten gebeuren. (Activeer de positieve krachten in de gemeenschap http://rafdaenen.blogspot.com/2012/12/activeer-de-positieve-krachten-in-de.html?spref=tw ).
Als overheid hebben we hier de verantwoordelijkheid om aan te sluiten op initiatieven, te zorgen voor enige infrastructuur en vooral faciliteren en ondersteunen, laat honderd bloemen bloeien en maak er een mooi boeket van.
Het tweede niveau betreft omvangrijke functies, van infrastructuur van informatie en energie tot wegen, water en afval, bestemmingsplannen, vergunningen en handhaving (RUD), veiligheid (GOR; politie, brandweer en ambulances), GGD, GGZ, ziekenhuizen. Dit moet in grotere verbanden, met een goede logistiek van samenwerken worden gerealiseerd.
Zeker ook gegeven de nieuwe overkoepelende activiteiten van de decentralisaties (WMO, CJG, en WWV) is het zaak om te kijken naar de logica van samenwerken. In tegenstelling tot de huidige werkelijkheid, die een lappendeken is van verschillende samenwerkingsverbanden dient de samenwerking over de grenzen van gemeenten heen gerichtheid en eenduidigheid te krijgen. De belangrijkste sociaaleconomische samenwerkingsverbanden liggen voor Oirschot b.v. richting Best en Eindhoven. Terwijl in de gemeentelijke organisatiesfeer nu de blik is gericht op de Kempen, en onze wsw functie is gekoppeld aan de Mijerij niet logisch maar wel de werkelijkheid.
Het vragen naar een centrale regie in overzichtelijke veelvouden van 20.000 is utopisch maar zou ons van veel ongemakken bevrijden.
We leven in de wereld van nu. Laat ons proberen logische en
aansluitende samenwerkingsverbanden tot stand te brengen als het gaat om de
decentralisaties van WMO, CJG en WWV. De loketfuncties en het faciliteren van
de leefbaarheid organiseren we op een schaal van 20.000, maar de
overkoepelende, specialistische en ondersteunende activiteiten als GGZ,
jeugdzorg, UWV, SD, WSW, GGD, regelen we of herordenen we in een regionaal en
subregionaal verband met Eindhoven als centrumgemeente. En daarbinnen ordenen
we subregio’s in consistente veelvouden van 20.000 inwoners.
zondag 17 februari 2013
Een actieve gemeenschap
Live talkshow 'Beers Gebuurt' van start
Een
levendige, live talkshow met gasten en talenten uit de Beerzen... op zondag 17
maart vindt de eerste editie plaats van 'Beers Gebuurt'. Vanaf 15.30 uur
ontvangt presentator Jan Moeskops in Ons Mevrouw aan het Doornboomplein in
Middelbeers Beerzenaren van alle leeftijden en achtergronden. Een redactie
bereidt momenteel een gevarieerd programma voor met live muziek en voordracht,
interviews naar aanleiding van de actualiteit, discussie, videoreportages en
enkele andere vaste onderdelen. Het programma duurt tot ongeveer 17.00 uur; de
entree zal gratis zijn.
Met de talkshow wil de organisatie onder andere een laagdrempelig podium creëren voor talent uit de Beerzen. Maar de talkshow is vooral ook bedoeld om in een gezellige sfeer kennis te maken met dorpsgenoten en hun belevenissen en verhalen. De ontmoetingen tussen jong en wat ouder en tussen dorpsgenoten met verschillende interessen en achtergronden dragen volgens de organisatie bij aan de leefbaarheid in de Beerzen. Elkaar leren kennen betekent immers ook: elkaar gemakkelijker kunnen vinden. Het is de bedoeling dat de talkshow vaker georganiseerd gaat worden, met name in de donkere maanden.
'Beers Gebuurt' is een idee van 't Interieur; de organisatie bestaat inmiddels uit vertegenwoordigers vanuit verschillende achtergronden. De redactie wordt gevormd door Raf Daenen, Jan den Otter, Rens van Ginneken en Erno Mijland. Heeft u suggesties voor onderwerpen of optredens of wilt u op een of andere manier een bijdrage leveren? Spreek een van de redactieleden aan of bel of mail met Erno Mijland: 013-5142390 of ernomijland@gmail.com.
Met de talkshow wil de organisatie onder andere een laagdrempelig podium creëren voor talent uit de Beerzen. Maar de talkshow is vooral ook bedoeld om in een gezellige sfeer kennis te maken met dorpsgenoten en hun belevenissen en verhalen. De ontmoetingen tussen jong en wat ouder en tussen dorpsgenoten met verschillende interessen en achtergronden dragen volgens de organisatie bij aan de leefbaarheid in de Beerzen. Elkaar leren kennen betekent immers ook: elkaar gemakkelijker kunnen vinden. Het is de bedoeling dat de talkshow vaker georganiseerd gaat worden, met name in de donkere maanden.
'Beers Gebuurt' is een idee van 't Interieur; de organisatie bestaat inmiddels uit vertegenwoordigers vanuit verschillende achtergronden. De redactie wordt gevormd door Raf Daenen, Jan den Otter, Rens van Ginneken en Erno Mijland. Heeft u suggesties voor onderwerpen of optredens of wilt u op een of andere manier een bijdrage leveren? Spreek een van de redactieleden aan of bel of mail met Erno Mijland: 013-5142390 of ernomijland@gmail.com.
zaterdag 16 februari 2013
Ons Brabants droomland!
Laten we er geen doekjes om winden, het is duidelijk dat
de intensieve veehouderij het Brabantse platteland belast. Zeker de Peel en de
Kempen. De intensieve veehouderij heeft een slechte invloed op onze gezondheid,
doet afbreuk aan onze natuur, verzuurt het milieu, en zet de leefbaarheid, het
woongenot en de sociale relaties onder druk. De tolerantie neemt af en daarmee
de acceptatie van hinder. In dorpen zoals Reusel kun je de varkenslucht overal
opsnuiven. Maatschappelijke inzichten veranderen en de kwantitatieve omvang en
emissies van veehouderijen staan ter discussie. In het Rapport van de Commissie
van Doorn “Al het vlees duurzaam. De
doorbraak naar een gezonde, veilige en gewaardeerde veehouderij in 2020” , wordt duidelijk dat
de intensieve veehouderij om een andere aanpakt vraagt . De maximale
bedrijfsgrootte zou niet meer dan 1,5 ha mogen bedragen en het aantal dieren per
bedrijf 300 nge. Ook zouden er grenzen aan de uitstoot gesteld moeten worden
van max. 10 ou en cumulatief 20 ou. Het antibioticagebruik moet fors
gereduceerd worden En de best mogelijke technologie voor de bevordering van het
leefmilieu van mens en dier zou moeten worden ingezet. Ook moeten voer-
voedings- en verwerkingsbedrijven zich verantwoordelijk in de keten gedragen.
Daarvoor formuleren we samen innovatieve doelstellingen, waarbij in de keten
van productie tot consumptie kwalitatief verantwoord te werk wordt gegaan.
Daarin heeft ook de burger een taak: de verantwoordelijke burger koopt geen plofkip,
maar een Bofkip die in goede omstandigheden heeft geleefd.
Tot zover is er niets nieuws onder de zon, we werken aan
veehouderij die draagvlak heeft in haar omgeving en in de samenleving.
Sint
Michielsgestel voorbij, van brainport tot droomland, Een vitaal platteland biedt mogelijkheden op het terrein van welzijn, gezondheid, sport, goede voeding, onthaasten, leven met en leren van en in de natuur. Brainport biedt kansen voor een kwalitatief hoogwaardig platteland. Ik zie mijn droomland zo: de steden Eindhoven en Helmond omringd door twee warme handen, de Kempen en de Peel. Dit is het land waar het leven goed is, waar ontspannen kan worden geleefd. Waar een gezonde natuurbeleving en ontmoeting tussen mens en dier vanzelfsprekend is. Waar er voorzieningen zijn van zorgboerderij tot welnesscentrum en van hospice tot centra voor verslavingszorg, zoals Rodersana.
Het platteland is dan het voorbeeld van een moderne zorgzame samenleving, met belangeloze uitwisseling van talenten, vanuit de kracht van het voorleven, positieve opvoeding en menselijke zorg voor elkaar. De Wmo zoals bedoeld, met geïntegreerd gebruik van domotica of huisautomatisering, glasvezel en de nieuwste communicatiemiddelen, verankerd in de spreekwoordelijke Brabantse gemoedelijkheid.
Natuur en milieu zijn ons aller levensvoorwaarden en dus ons aller zorg. Wat kunnen wij als verantwoordelijke burgers doen? Er zijn mogelijkheden genoeg: koop een landschapsaandeel, word lid van een coöperatie van zonnepanelen, koop en eet verantwoord vlees, maak het Brabantse platteland tot de eerste energieneutrale regio. De Groene corridor tussen Oirschot en Eindhoven, de synthese tussen Brainportvernuft en het cultuurhistorische Groenewoud. Cultuur, techniek, natuur en geschiedenis komen bij elkaar en dagen ons uit. Die uitdaging leidt onder meer tot een ruit van snelfietspaden, innovaties op het gebied van veehouderij en milieu, zichtstallen, aanbod en afzet van streekproducten, agrarisch natuurbeheer. We vinden thematische knooppuntenroutes, recreatieve paden waarop het spel van natuurlijk licht en duisternis zich manifesteert, georganiseerde tochten, grotere en kleine musea, herkenbare landschappen en gebouwen. En tegelijkertijd is er de hoogwaardige agrarische Brainporttechnologie van medische, veterinaire en klimatologische vernuft. Hoogwaardige ontwikkelingen die de kwaliteit van de landbouw ondersteunen en de Brabantse economische positie versterkt. Van productiebeperking naar research, ontwikkeling en kennisexport.
Intensieve veehouderij belast nu nog de samenleving onevenredig. Laten we de noodzakelijke maatregelen voor een gezond leefklimaat nemen, de kracht van de innovatieve samenleving versterken. Zo kunnen we vol vertrouwen op weg naar de Brabantse Brainport met een goed evenwicht tussen stad en platteland, waar het prettig werken, wonen en ontspannen is. Ons Brabant het land waar het leven goed is.
Raf Daenen fractie voorzitter PvdA Oirschot
dinsdag 4 december 2012
Resultaten uit het verleden vragen nieuwe investeringen in de Toekomst van Huijgevoort
De laatste 10 jaar was het beleid in Oirschot m.b.t. Intensieve Veehouderij, “zo groot en zo veel mogelijk”.
Afgelopen dinsdag hebben we in wijsheid en in het kader van
leefbaarheid en gezondheid hier een duidelijk punt achter gezet. Nieuw beleid
gebaseerd op de uitgangspunten van de commissie van Doorn. Heel Brabant keek
nieuwsgierig en met bewondering of Oirschot het lef had om schoon schip te
maken met het verleden. Bewoners en veehouders hebben samen een convenant
afgesloten, waarbij de mogelijkheden en beperkingen m.b.t. Intensieve
Veehouderij in het gebied Huijgevoort, vastgelegd werden. Provincie en Gemeente
doen samen een forse duit in het zakje om het leefklimaat op de Huijgevoort
weer gezond te maken. Als PvdA staan we achter het voorstel van wethouder
Machielsen, ook al kost ons dat ruim één miljoen euro. Er zijn eerder wel
onzinnigere uitgaven gedaan. Wat te denken van het voorstel van de VVD om 13
miljoen af te schrijven op het Grond bedrijf i.p.v. mee te gaan met het PvdA
voorstel om de bouwgronden goedkoper aan te bieden aan onze jeugd, zodat deze
in eigen beheer betaalbare woningen kunnen bouwen.
Jammer dat de Oirschotse-VVD na de euforie van de verkiezingen
verviel in angst voor het Oordeel van de Kiezer. De eigen wethouders Evers
(VVD), Verhoeven (DGM/VVD), Gedeputeerde De Boer (VVD) en fractievoorzitter GS Geraerts
(VVD) hadden nog wel het goede voorbeeld gegeven. We nemen het verlies en
investeren in een gezonde toekomst voor Oirschot en Brabant.
Met het nieuwe bestemmingsplan Buitengebied fase 2 is
Oirschot een voorbeeld voor Provincie en het land hoe er met heldere kaders,
dialoog en bouwblokken op maat
samengewerkt kan worden aan een leefbaar bestaan voor boeren en burgers
in het buitengebied. De PvdA dankt iedereen die een bijdrage geleverd heeft aan
deze haast niet oplosbare situatie.
Op dit besluit voor
een gezonde toekomst van Oirschot willen wij graag door U als kiezer afgerekend
worden.
Namens PvdA Oirschot/ de Beerzen
Afra Pronk en Raf Daenen 06-46298931
maandag 19 november 2012
Regionale brandweer punt van zorg
Politieke Keuzes:
Vorig jaar hebben we ons als PvdA Oirschot tegen de stroom in uitgesproken voor de verankering van de brandweer.
Beetje bij beetje kan de opschaling haar negatieve
consequenties laten zien. Wat te denken van een dag brandweerteam van professionals en dat in de avond en nacht
de vrijwilligers mogen opdraven.
Erger is nog dat de Veiligheidsregio in kader van
bezuinigingen af wil van het duikteam. Dom, dom, dom, links of rechts om zal er
publiek of privaat in nood situaties gedoken moeten worden. De kans dat er te
laat actie ondernomen wordt is groot wanneer zaken uitbesteed worden.
Uiteindelijk zal er als individuele gemeente toch betaald moeten worden voor
geleverde diensten bij incidenten. En wat betekend het voor de brandweerman die
aan de kant staat en achteraf moet zeggen we konden niets doen want de
drenkeling lag verder dan 1,5 m uit de kant.
Vergelijkbaar is het stellen van prioriteiten bij de
gemeentelijke taken. Het gaat er niet om dat we dingen niet meer doen maar dat
we kijken hoe we het anders slimmer en
beter kunnen doen. Als PvdA vinden we dat we met uw hulp als burger dingen
anders, goedkoper en beter kunnen uitvoeren.
Onderhoud van de
sportvelden kan een vereniging beter zelf uitvoeren dan de gemeente. Schoon houden van de wijk en
buurt (bv honden poep vrij) kan door bewoners
beter zelf ter hand genomen worden. In regio verband samen optrekken bij
bestemmingsplannen, planning en beheer
van de openbare ruimte,handhaving en
vergunning kan professioneler en efficiënter. Ook zorg voor elkaar en opvoeding
kan in samenspraak met de directe omgeving beter dicht bij huis gebeuren, zeker wanneer er professionele ondersteuning
dichtbij aanwezig is om op terug te vallen .Kortom veel van de gemeentelijke verantwoordelijkheden kunnen in groter en kleiner verband in samenwerking met anderen beter gebeuren. Samenwerking om elkaar te versterken als antwoord op een onwenselijke gemeentelijke herindeling.
Ook bij het saneren of verplaatsen van een agrarisch bedrijf kunnen we terug vallen op het begrip samenwerken. Geen bergen met gemeenschapsgeld maar wel samen problemen oplossen. Buren, ondernemers, gemeente en provincie. En als we dan wat middelen vanuit de ruimte voor ruimte pot moeten vrij maken om de zaakjes haalbaar te maken dan doen we dat maar. Fouten besluiten uit het verleden herstellen in functie van de leefbaarheid moet dan maar.
Als PvdA nemen we onze verantwoordelijkheid, wie A zegt moet ook B doen.
Wilt U met ons meepraten dan bent U op donderdag 22 november om 8u van harte welkom in de zadelmakerij te Oirschot
Namens PvdA Oirschot de Beerzen Raf Daenen 0646298931
donderdag 28 juni 2012
OPINIE: Onderschat kracht kleine gemeente niet
Auteur: door Raf Daenen | woensdag 27 juni 2012 | 02:39 | Laatst bijgewerkt
op: woensdag 27 juni 2012 | 09:53
Gemeenten moeten waar nodig samenwerken
om tegelijkertijd gebruik te kunnen blijven maken van de eigen kracht van de
kleine gemeenschap.
Nog geen vijf jaar geleden waren we in
de Kempen trots op de kracht van onze kleine kernen. Esbeek won de dorpenderby,
Spoordonk heeft zijn dorpscafé, Lage Mierde won de strijd om de vrijwillige
brandweer, De Weebos vecht voor het behoud van zijn basisschool, in Casteren
bouwen starters, Wintelre heeft zijn dorpshuis, Hoogeloon een innovatief
zorgconcept et cetera. Het zijn allemaal initiatieven waarbij de gemeenschap
het heft in eigen handen neemt, voorbeelden van participatie, zorg voor de
jeugd en maatschappelijke ondersteuning.Maar nu lijkt het tij te keren. Onder invloed van de bezuinigingen van de voormalige gedoogcoalitie wordt de oude mantra dat kleine gemeenten de uitdaging van jeugdzorg, werken naar vermogen en WMO niet aankunnen, weer uitgedragen. Volgens deze visie moet schaalvergroting de kwaliteit van de dienstverlening en de bestuurskracht verbeteren, met minder ambtenaren en bestuurders.
Men vergeet dan dat organisatieonderzoek heeft aangetoond dat grootschaligheid niets te maken heeft met efficiëntie van organiseren of met kostenbeheersing. Er zijn slecht functionerende grote en kleine organisaties. Wel blijkt uit de analyse van de Amarantis scholengemeenschap het risico dat grootschaligheid tot vervreemding en grootheidswaanzin leidt. Een feit is dat bij opschaling duurdere en minder betrokken ambtenaren en bestuurders worden ingezet.
De financiële problemen in Reusel hebben niets te maken met kleinschaligheid, maar met wanbestuur en verkeerde ambities. Als het om een grote gemeente zou gaan, zouden de problemen uiteindelijk nog groter zijn geweest.
Bij de WMO, CJG en WWNV gaat het om meedoen, aanspreken op eigen kracht en oplossingsvermogen in de kleine wereld. Dat vraagt om activiteiten die niet worden georganiseerd door vervreemdende grootschaligheid, want die leiden alleen tot meer beheersing en bureaucratie.
René Cuperus (schrijver van 'De wereldburger bestaat niet'), Jan Marijnissen en anderen stellen dat tussen de polen van globalisering en ressentiment aandacht voor de directe leefwereld van mensen erg belangrijk is.
Natuurlijk kunnen we mondiale problemen op het gebied van informatie en menselijke ontmoetingen niet oplossen vanuit kleine gemeenten, maar dat lukt de grote gemeenten evenmin.
Het gaat in essentie om de vraag hoe een efficiënte wijze van samenwerken kan worden georganiseerd. Ondersteunende infrastructuur waar iedereen recht op heeft en gebruik van maakt (water, elektriciteit, openbaar vervoer, informatie, onderwijs en zorg) kan op basis van standaardisatie efficiënter samenwerkend georganiseerd worden.
Helaas is de huidige gemeentelijke samenwerking in de Kempen bestuurlijk verstopt. Er zijn 25 managers en bestuurders die niet voor elkaar onder willen doen. Dat is een groot probleem.
Om een lang verhaal kort te maken: het grote gevaar van opschaling van gemeenten is het verlies van het contact met de burgers en het niet meer zien en gebruiken van de eigen kracht van de gemeenschap.
Anderzijds is efficiënte samenwerking tussen gemeenten op vele manieren mogelijk. Voor Oirschot stel ik me een samenwerking (van Bergeijk tot Oisterwijk) voor, binnen één efficiënte dienstverlenende organisatie (zoals een Bureau Inkoop en Aanbesteding of een Milieudienst). En voor het overige vervullen we als zelfstandige historisch-monumentale gemeente met krachtige sociaal culturele kernen gewoon onze rol in Brainport en Brabantstad.
Door Raf Daenen, fractievoorzitter van de PvdA Oirschot en mede-auteur van 'Perspectief op een maatschappij in crisis'.
zaterdag 9 april 2011
Brandweer de Mierden
De dorpsraad Lage Mierde, Vakvereniging Brandweervrijwilligers (VBV) en de vrijwillige brandweer in Lage Mierde hebben samen een actieplan opgesteld voor behoud voor hun brandweerpost. De drie partijen hebben de koppen bij elkaar gestoken en zijn met een plan in drie stappen gekomen. Er wordt onder meer gevraagd om onafhankelijk onderzoek. Arie Muller van de VBV legt uit: "We gaan ervoor zorgen dat de site De Mierden Veilig beter gemodereerd wordt." Zo moeten bedreigingen, zoals die eerder op de site werden gepubliceerd, voorkomen worden. "Daarnaast gaan we zo snel mogelijk een avond organiseren waar alle raadsleden uitgenodigd worden. We willen ze informeren over de onderzoeken die in opdracht van de gemeente zijn uitgevoerd." Volgens Muller zijn er een aantal punten die inhoudelijk niet kloppen. Welke dat precies zijn, wil hij pas uit de doeken doen op de avond zelf. "Maar er zitten op z'n zachtst gezegd een aantal discrepanties in", aldus Muller. Daarnaast krijgen alle raadsleden een kopie van de reacties die geplaatst zijn onder het internetartikel, waar ook de bedreiging onder geplaatst was. "We willen zoveel mogelijk openheid van zaken geven."
Zet hem op jullie knokken voor de kwaliteit van de kleine gemeenschappen eigenlijk zouden jullie op handen gedragen moeten worden. Mensen die zich vrijwillig inzeten voor welzijn en veiligheid van de gemeenschap dat gooi je toch zo maar niet weg, succes
maandag 28 februari 2011
Reactie op inbreng PvdA Oirschot over discussie autonome ontwikkelingen
Beste Raf,
Goed betoog. Dit initiatief van BenW is voor de buurt volstrekt onbegrijpelijk en getuigt van een respectloze wijze van omgaan met de belangen van burgers in onze buurt. In het laatste onderhoud dat wij (buurtgenoten) hadden met Verhoeven en Machielsen, stelde Verhoeven dat er slechts één oplossing was: of de varkensbedrijven worden gesaneerd of de burgerwoningen worden gesaneerd. En wat doet vervolgens BenW: de eerste stap zetten naar uitbreiding van de varkensbedrijven. Verschillende raadsfracties stelden enige tijd geleden te handelen op basis van feiten: nu liggen er de feiten. Onderzoek van de SRE: zeer slecht leefklimaat, Stouthart zegt: omgeving is ernstig overbelast, een geurnorm die 2keer zo hoog is als in een LOG toegestaan, 24 uur per dag en 52 weken per jaar stankoverlast. Wij wonen in een verwevings/extensiveringsgebied. Nog een feit: 40% van omwonenden is momenteel onder medische behandeling vanwege klachten aan de luchtwegen. 20% is onder medische behandeling vanwege aan stress gerelateerde klachten (eczeem, depressies) Als besloten gaat worden tot aanvraag van uitbreiding, gaan wij ons beraden over acties van burgerlijke ongehoorzaamheid. En uiteraard eisen tot schadeloosstelling.
Groet,
Henk van Wijk
zondag 27 februari 2011
Logica autonome ontwikkelingen ontgaat ons
Oirschot heeft nooit een bestemmingsplan gekend waarin bouwblokken groter dan 1,5 opgenomen waren. Na het uitbreken van de Q-koorts, aan de vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen zijn er door de toenmalige wethouder duidelijke uitspraken gedaan: "in Oirschot waren er geen onomkeerbare situaties groter dan 1,5ha aanwezig.
Per raadsinformatie van 6 sept. 2010 werden we als raad over mogelijke ontwikkelingen Intensieve veehouderij (lopende en autonome zaken) in Oirschot geïnformeerd door B&W. Voor alle zaken met 1 uitzondering werd geconstateerd dat geen ontheffing mogelijk is op basis van de verordening ruimte.
Wij als PvdA snappen de discussie niet, of het moet zijn dat het college onwenselijke verwachtingen wil wekken bij agrarische ondernemers en willens en wetens omwonende wil belasten met angst voor meer en erger.
Volgens de motie van het CDA zijn deze autonome zaken al eerder aangemeld bij Gedeputeerde Staten. De logica van deze opiniërende vergadering om dit nogmaals te doen ontgaat ons.
Heiakker /Huijgevoort
Als PvdA vragen we ons af of we als gemeentelijke overheid niet strafbaar en vervolgbaar zijn. Weet hebbend van een opeenstapeling van milieu belasting (Achtergrond belasting) in dit gebied van 40ou. Deze belasting heeft de kwalificatie van slecht leefklimaat. Wanneer we nu medewerking verlenen aan extra uitbreidingen van 3,5ha wordt het leefklimaat slechter dan zeer slecht >50ou.
Tot slot
In de aangeboden notitie van B&W wordt er geïnsinueerd dat er mogelijke claims van agrariërs te verwachten zijn. Uit de raadsinformatiebrief van 6 sept. 2010 blijkt dat er nooit verwachtingen hadden kunnen zijn om in aanmerking te komen voor vrijstelling.
Naast de morele vraag of het verantwoord is om de gezondheid en het welzijn van omwonende ondergeschikt te maken aan het individueel ondernemers belang.
Wij als PvdA denken dat wanneer we als gemeente medewerking geven aan deze onwenselijke ontwikkkelingen, het reëel is dat omwonende schade claims indienen richting ondernemers en gemeente als verantwoordelijk bestuurlijk orgaan:
- Op basis van de reguliere planschade regeling (Is dit voldoende afgedekt?)
- Op basis van het als overheid aansprakelijk gesteld worden voor het als overheid medewerking verlenen aan ontwikkelingen waarbij burgers blootgesteld worden aan een ongezond leefklimaat. (Op de Heikant zijn burgers reeds aantoonbaar ernstige ziek geworden vanwege de Q-koorts)
Voor de PvdA is genoeg, genoeg, welzijn en gezondheid van mens, boer en dier staan voorop, een bedrijf van 1,5ha is niet klein, zeker als we inzetten op kwaliteit van veehouderij ipv groot groter mega.
vrijdag 25 februari 2011
Beleid leefbaarheid loont
Bij aankomst werd ik verwelkomd door de voorzitter en secretaris van de dorpsraad, met trots kreeg ik een rondleiding, mooie gymzaal met korfballende jeugd, een grote evenementen zaal in 3 segmenten verdeeld, met een mooi podium, vol trots werd er verteld dat met namen het bovenstuk van het podium met eigen middelen gerealiseerd werd, net als de lift en de nog aan te leggen binnen plaats. School en Multi functionele ruimte lopen vloeiend in elkaar over en hebben daardoor ook beiden veel profijt van elkaars ruimte.
Samen met de trotse medebouwers van de MFA belande we in de vergaderruimte van school, langzaam aan schoven de andere leden van de dorpsraad, de ambtenaar van de gemeente en leden van de idop commissies aan, allen met de zelfde trotse blik.
Op mijn vraag hoelang zo’n proces duurt, werd er gezegd de eerste ideeën dateren van 2002. Het succes is te wijten aan samenwerking tussen school gemeente en een vasthoudende en ondernemende dorpsraad.
Voor de vergadering begon werd ik nog even bijgepraat over het nieuwe Dorps ontwikkelingsplan. De thema’s, zorg voor ouderen dicht bij huis, stond hoog op de agenda en het betaalbaar bouwen voor jongeren.
Bij het bouwen voor jongeren is het zaak om te zorgen dat er doorstroom plaats vind, dus niet te groot. Maar startende jongeren moeten wel terug kunnen komen in het eigen dorp anders vergrijzen we extra hard. Met de gedachte zo kan het dus en de wens succes met de verkiezingen liet ik 10 trotse Wintelrenaren achter.
Idops de kracht zit in de gemeenschap en gemeenten en provincie moeten dit ondersteunen en koesteren.
zondag 20 februari 2011
woensdag 16 februari 2011
Terugblik mini-symposium intensieve veehouderij
Mini-symposium van maandag avond heeft toch wel indruk op me gemaakt. De gezondheidsrisico en de maatschappelijke weerstand van omwonende uit heel de kempen en het Groene Woud zijn nog groter dan ik dacht.
We moeten elkaar niet voor de gek blijven houden
- Al meer dan een jaar zijn de verkoopprijzen binnen de varkenshouderij onder de kostprijs.
- Brabant kent de laatste jaren een forse toename van het aantal varkens.
- We kunnen er niet om heen, de intensieve veehouderij belast de Brabantse natuur, het milieu, gezondheid en welzijn van mens, boer en dier.
- Iedere uitbreiding van (mega)stallen heeft een sanering van 2 andere veehouders tot gevolg.
- De terechte overlast vanwegen een opstapeling van geurbelasting in bepaalde gebieden (achtergrond belasting).
- Het nog steeds geen uitsluitsel hebben van het gezondheidsonderzoek.
- Een bedrijf van 1,5ha is ook vanuit ondernemers perspectief een groot bedrijf te noemen.
De uitdaging voor het platteland is de bestaande sociaal economische infrastructuur op basis van gezins- en familiebedrijven perspectief te bieden en tegelijkertijd recht te doen aan natuur, milieu, dier en menselijk welzijn en gezondheid. De oude en de nieuwe wereld kunnen worden verbonden met behulp van oude en nieuwe kennis. We kunnen realistische perspectieven aandragen in antwoord op het huidige dominante marktdenken dat leidt tot een cultuur van groot, meer en mega. Brabant is weer toe aan een boerenstand en cultuur gericht op kwaliteit in plaats van kwantiteit.
Een realistisch toekomst Perspectief
- Het Brabantse innovatieve agrarische gezinsbedrijf van max. 1,5 ha vervult in Europa een voortrekkersfunctie als het gaat om kwalitatief hoogwaardige producten en een niet aflatende aandacht voor gezondheid, welzijn, milieu en natuur voor mens en dier.
- Innovatieve kennisinstellingen (HBO’s en Universiteiten) vervullen hierbij een voortrekkende en ondersteunende rol op de niveaus van bedrijf, het netwerk, en het wettelijk en bestuurlijk niveau.
- Bestuurders met lef, juist in tijden van crisis liggen er bestuurlijke kansen om op basis van visie echte doorbraken te forceren. Om de maatschappelijke confrontatie aan te gaan hebben we behoefte aan creatieve, zoekende en samenwerkende bestuurders. Niet perfect, maar wel eerlijk en betrouwbaar.
- Bestuurders die de confrontatie niet uit de weg gaan met voedings- en voederindustrie. Want laat ons wel zijn, naast de consument zijn het de banken (RABO), de veevoederindustrie (CEHAVE), de medicijnindustrie(AUV), de vleesmonopolisten (VION), de voedingsconcerns, (Campina, AH, Unilever) die bepalen welke richting de veehouderij uitgaat.
Een coöperatie, waar de Rabobank groot mee is geworden, van veetelers voor een Toekomstbestendig Brabantse karbonade en omelet. De verkiezingen worden in Brabant gewonnen op het platteland.
Ik wil me samen met jullie inzetten voor welzijn en gezondheid van mens- en dier in een, sociaal en toekomst bestendig platteland.
dinsdag 15 februari 2011
Lezing over politieke duidelijkheid voor boeren en buitenlui
Modern socialisme: een mens, boer en dier vriendelijk, sociaal en toekomstbestendig platteland.
We leven in een liberale crisis en het socialisme krijgt de klappen
Waar ik graag een boom over op zet is de verhuftering van de samenleving en de grote behoefte om bevlogen, betrokken en verantwoordelijk burgerschap. Hans Pijnaker zou zeggen "Ethiek moet terug in de politiek".
Er gebeuren zoveel goede dingen om ons heen. Echter in onze Hijgerige mediale samenleving scoort dit niet. Samen verantwoordelijk zijn voor een toekomst bestendig platteland is de beweging waar ik voor wil gaan, mijn politieke statements voor de Provinciale verkiezingen zijn:
We leven in een liberale crisis en het socialisme krijgt de klappen
Waar ik graag een boom over op zet is de verhuftering van de samenleving en de grote behoefte om bevlogen, betrokken en verantwoordelijk burgerschap. Hans Pijnaker zou zeggen "Ethiek moet terug in de politiek".
Er gebeuren zoveel goede dingen om ons heen. Echter in onze Hijgerige mediale samenleving scoort dit niet. Samen verantwoordelijk zijn voor een toekomst bestendig platteland is de beweging waar ik voor wil gaan, mijn politieke statements voor de Provinciale verkiezingen zijn:
- Leefbaarheid, de kracht van de plattelandskernen
- Betaalbare woningen voor jongeren
- Ouderen de vitale kracht van het platteland
- Een mens, boer en diervriendelijke veehouderij
Behoefte aan politieke duidelijkheid voor boeren en buitenlui
We kunnen er niet om heen, de intensieve veehouderij belast de Brabantse natuur, het milieu en de gezondheid van mens en dier. Of anders gezegd, we hebben te veel varkens en kippen op een te kleine ruimte met alle gevolgen van dien.
De spanningen in het buitengebied lopen hoog op. In heel de Kempen en Peel zijn er strubbelingen die vragen om duidelijkheid en rust. Alom zijn er zorgen, heerst wantrouwen, worden over en weer insinuaties gedaan en hele en halve waarheden verkondigd. Intensieve veehouders en omwonenden staan elkaar soms zelfs naar het leven. Ondernemers willen nog snel hun laatste kans benutten, terwijl de omwonenden gesterkt door het burgerinitiatief "genoeg is genoeg" vinden.
De intensieve veehouders hebben moeite met terugschakelen naar de nieuwe norm van 1,5 ha in verwevingsgebieden en 2,5 ha in de LOG’s. Begrijpelijk, want al veertig jaar lang, sinds het plan Mansholt is de tendens groot, groter, grootst. Vaak gaan hier enkele jaren van wikken en wegen aan vooraf, in gesprekken met de Rabobank, de gemeente, voerleveranciers en de vleesverwerkende industrie, om maar niet te spreken van alle onderzoeks- en advieskosten.
De omwonenden, die jaren de overlast van de veehouderij voor lief genomen hebben zijn het afgelopen jaar opgeschrikt door de Q-koorts en andere zorgelijke ontwikkelingen zoals fijnstof, cara, zoönose en MRSA. Zij zagen in het burgerinitiatief "Megastallen NEE", en het hieruit voortvloeiend besluit van 19 maart door Provinciale Staten Noord-Brabant, erkenning van hun zorg en overlast. Het leek een duidelijke pas op de plaats. Echter, door het doorgaan van de lopende zaken en de actieve inventarisatie van CDA gedeputeerde van Heugten, werd duidelijk dat er nog het nodige in de pijplijn zat en zit. Gedeputeerde van Heugten heeft bij gemeenten de deur plat gelopen om toch maar alle lopende zaken in beeld te krijgen, om concernboeren de ruimte te geven. Recentelijk was in het Brabants Dagblad nog te lezen dat er een verdubbeling van intensieve veehouderijbedrijven op de rol staat. Bij iedere grensoverschrijding door de agrarische lobby zie ik een grotere vastberadenheid bij omwonenden en de gewone burgers van onze mooie dorpen en kernen. Mensen pikken het niet langer en niet alleen boeren hebben rechten.
In de wandelgangen is vriend en vijand, van kenniscentra en wetenschappelijke instituten, ZLTO, BMF, Partij voor de Dieren, tot gewone gezinsboeren en zelfs het CDA, ervan overtuigd dat het anders moet. Eigenlijk zijn de kleinere boeren het niet eens met de tendens van groter, grootst, mega. Voor iedere megabedrijf verdwijnen 2 á 3 gezinsbedrijven. Maar ja, voor hun pensioenvoorziening zijn ze wel afhankelijk van ZLTO en de grote sectorgenoten. En daar zit een groot knelpunt. Grootschalig kan niet in Brabant en kleinschalig krijgt onvoldoende kansen.
De reconstructie van het buitengebied is voor wat de Intensieve Veehouderij betreft doorgeschoten en mislukt. Het bestaande systeem moet op de schop. We moeten het lef hebben om anders te denken. Er moet worden ingezet op een kwalitatieve veehouderij waarbij welzijn en gezondheid voor mens en dier norm zijn.
Maar de economische trein van Rabobank, vlees-, voeder- en voedingsindustrie waarin u als welwillende consument de laatste schakel bent, dendert voort.
Politiek is het belangrijk dat het CDA en de VVD niet de grootste worden, want dan blijft alles op dezelfde manier doorgaan met af en toe wat remmen maar niet met de intentie het roer echt om te gooien, want ondernemers moeten toch de ruimte krijgen. Voor het verzet tegen de intensieve veehouderij is het goed om de krachten te bundelen. We zouden een grote gezamenlijke financiële claim kunnen neerleggen bij de provincie en daar collectief over procederen. Ik zelf vind dat we meer in moeten zetten op het samen nemen van maatschappelijke verantwoordelijkheid.
zondag 6 februari 2011
Hoe kunnen we het platteland leuk houden?
Beste vrienden,
Zondag 27 februari, Op De Cultuur Boerderij te Westelbeers
concert en workshop van Folkzien
Workshop volksmuziek en samenspel van 11 tot 15u.
Optreden aanvang 16 u inkom gratis
René en Marianne houden zich bezig met de volkstraditie in Europa en met volkscultuur uit onze regio.
Hun drijfveer is hun passie voor volkse instrumenten en het zingen in de geest van de traditie.
Zij spelen zelfgeschreven volksmuziek met duidelijk Keltische invloeden.
René Krol: multi-instrumentalist o.a. trekharmonica, gitaar en zang.
Marianne Wynen: viool, nyckelharpa, zang.
Ze hebben onlangs muziek geleverd aan de Brabantse film over het leven van Keskenaote,
een jongen uit de kempen.www.innaamvandevader.nl
Info over de samenspelworkshop.
De stage o.l.v. René Krol is voor iedereen die een volksmuziekinstrument speelt, van beginners tot
gevorderden.
Aanleren van muziekjes uit de film van Keskenaote op het gehoor, eventueel notenschrift en
trekzaktablatuur. De hoofdzaak is samenspelen.
Workshop van 11 tot 15u. Kostprijs €15
Eind van de middag is soep voorzien, gelieve bij inschrijving te vermelden indien u daar gebruik
van wilt maken.
Meer informatie en vragen info@folkzien.com
0032 14 67 23 61
0032 472 380 559
Locatie:
De Cultuur Boerderij
Gerard en Berdie Pasmans
Voldijnseweg 8
5091 KK Westelbeers
013 514 26 53Info@cultuurboerderij.nl
www.cultuurboerderij.nl
Voor een filmpje
http://www.youtube.com/user/MissingLinQTube#p/u/0/R9DJ53gMuVU
Met vriendelijke groet,
Berdie en Gerard
"De Cultuurboerderij"
Zondag 27 februari, Op De Cultuur Boerderij te Westelbeers
concert en workshop van Folkzien
Workshop volksmuziek en samenspel van 11 tot 15u.
Optreden aanvang 16 u inkom gratis
René en Marianne houden zich bezig met de volkstraditie in Europa en met volkscultuur uit onze regio.
Hun drijfveer is hun passie voor volkse instrumenten en het zingen in de geest van de traditie.
Zij spelen zelfgeschreven volksmuziek met duidelijk Keltische invloeden.
René Krol: multi-instrumentalist o.a. trekharmonica, gitaar en zang.
Marianne Wynen: viool, nyckelharpa, zang.
Ze hebben onlangs muziek geleverd aan de Brabantse film over het leven van Keskenaote,
een jongen uit de kempen.www.innaamvandevader.nl
Info over de samenspelworkshop.
De stage o.l.v. René Krol is voor iedereen die een volksmuziekinstrument speelt, van beginners tot
gevorderden.
Aanleren van muziekjes uit de film van Keskenaote op het gehoor, eventueel notenschrift en
trekzaktablatuur. De hoofdzaak is samenspelen.
Workshop van 11 tot 15u. Kostprijs €15
Eind van de middag is soep voorzien, gelieve bij inschrijving te vermelden indien u daar gebruik
van wilt maken.
Meer informatie en vragen info@folkzien.com
0032 14 67 23 61
0032 472 380 559
Locatie:
De Cultuur Boerderij
Gerard en Berdie Pasmans
Voldijnseweg 8
5091 KK Westelbeers
013 514 26 53Info@cultuurboerderij.nl
www.cultuurboerderij.nl
Voor een filmpje
http://www.youtube.com/user/MissingLinQTube#p/u/0/R9DJ53gMuVU
Met vriendelijke groet,
Berdie en Gerard
"De Cultuurboerderij"
zaterdag 29 januari 2011
Voetbal mijn passie
Tot ergenis van mijn partner. Het liefst zou ik iedere week naar alle wedstrijden van mijn drie kinderen kijken en als het kon ook nog naar de thuiswedstrijden van Beerse Boys 1.
Onze Jan speelt als voorstopper in C2 onder de bezielende begeleiding van Joost Schapendonk en Jan Baayens. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Intussen ben ik ook weer assistent leider. Mooi om te zien hoe die twee prachtige kerels dertien jongens echt leren samen spelen.
Ons Katrijn speelt op nummer tien in Dames 1. Als trotse vader zeg ik wel ens dat ze wel op de vrouwelijke Affelay lijkt. Maykel heeft er een mooi tem van gemaakt. Met veel inzet kan het team misschien welke kampioen worden.
En dan onze Joep. Misschien wel de beste voetballer van de drie, maar gezien zijn ambitie speelt hij als laatste man in Beerse Boys 8. Dit onder de bezielende leiding van Mark Timmermans. Mark is mijn gewaardeerde concollega van het CDA in de Oirschotse raad. Mark heef het regelmatig over goed rentmeesterschap. Ik hoop maar dat hij zondag na de westrijd een oogje in het zeil houdt.
Zelf heb ik sinds mijn voetbal nadagen al een hele carrière doorlopen bij de Beerse Boys. In mijn nadagen als reserve keerper voor alle teams was ik ook vijf jaar trainer van de B-selectie en leider van het derde team. En nog een goede ook, vraag maar aan Sis van Rooy en Wil van Ham. Vanaf het moment dat mijn kinderen konden lopen ben ik leider gewordenvan de Fjes, Etjes, Dtjes en zelf een jaar van de C2.
Samen met Ad van Gestel heb ik een training over positieve omgangsvormen voor jeugdleiders ontwikkeld. Als wethouder heb ik ondanks wat strubbelingen over de financiering een bijdrage aan de aanleg van het kunstgrasveld geleverd.
Ik ben trots op mijn club de Beerse Boys. Niet alleen om de prestaties, maar vooral om de bijdrage die club levert aan de samenleving. Er wordt hier nagedacht over coachen en het opleiden van scheidsrechters. We hebben een G-team en activiteitencommissie. Bovendien vervullen we een centrumfunctie in de regio voor het vrouwenvoetbal en een florerende kantine.
Kortom, voor mij is de Beerse Boys de mooiste club. Een voetbalclub die met meer dan 700 leden een grote bijdrage levert aan de maatschappij.
Onze Jan speelt als voorstopper in C2 onder de bezielende begeleiding van Joost Schapendonk en Jan Baayens. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Intussen ben ik ook weer assistent leider. Mooi om te zien hoe die twee prachtige kerels dertien jongens echt leren samen spelen.
Ons Katrijn speelt op nummer tien in Dames 1. Als trotse vader zeg ik wel ens dat ze wel op de vrouwelijke Affelay lijkt. Maykel heeft er een mooi tem van gemaakt. Met veel inzet kan het team misschien welke kampioen worden.
En dan onze Joep. Misschien wel de beste voetballer van de drie, maar gezien zijn ambitie speelt hij als laatste man in Beerse Boys 8. Dit onder de bezielende leiding van Mark Timmermans. Mark is mijn gewaardeerde concollega van het CDA in de Oirschotse raad. Mark heef het regelmatig over goed rentmeesterschap. Ik hoop maar dat hij zondag na de westrijd een oogje in het zeil houdt.
Zelf heb ik sinds mijn voetbal nadagen al een hele carrière doorlopen bij de Beerse Boys. In mijn nadagen als reserve keerper voor alle teams was ik ook vijf jaar trainer van de B-selectie en leider van het derde team. En nog een goede ook, vraag maar aan Sis van Rooy en Wil van Ham. Vanaf het moment dat mijn kinderen konden lopen ben ik leider gewordenvan de Fjes, Etjes, Dtjes en zelf een jaar van de C2.
Samen met Ad van Gestel heb ik een training over positieve omgangsvormen voor jeugdleiders ontwikkeld. Als wethouder heb ik ondanks wat strubbelingen over de financiering een bijdrage aan de aanleg van het kunstgrasveld geleverd.
Ik ben trots op mijn club de Beerse Boys. Niet alleen om de prestaties, maar vooral om de bijdrage die club levert aan de samenleving. Er wordt hier nagedacht over coachen en het opleiden van scheidsrechters. We hebben een G-team en activiteitencommissie. Bovendien vervullen we een centrumfunctie in de regio voor het vrouwenvoetbal en een florerende kantine.
Kortom, voor mij is de Beerse Boys de mooiste club. Een voetbalclub die met meer dan 700 leden een grote bijdrage levert aan de maatschappij.
vrijdag 21 januari 2011
Wonen, welzijn en zorg dicht bij huis op het platteland
Door Arnold Vosters, directeur Stichting Sint Joris
Op de eerste plaats is omtrent het wonen, het welzijn en de zorg op het platteland een uitsplitsing op basis van complexiteit nodig waarbij hoog complexe, specialistische zorg overgelaten moet worden aan de specialisten. Ik denk niet dat Sint Joris de pretentie moet hebben om bijvoorbeeld de complexe revalidatie of de acute psychiatrische zorg in Oirschot te gaan doen.
Sint Joris is wel van mening dat er in Oirschot een centrale verpleeghuisvoorziening moet komen waar (niet complexe) revalidatie en (niet complexe) chronische psychiatrie, maar ook verpleeghuiszorg geboden kan worden, zowel voor mensen met dementie als voor mensen met een chronische lichamelijke aandoening. Daarnaast moet Sint Joris in Oirschot het langer thuis kunnen wonen ondersteunen door er te zijn met een oplossing als het in de thuissituatie echt niet meer kan. Hospice zorg, een zorghotel, tijdelijke verblijfkamers zijn o.a. de mogelijkheden hiervoor. De complexiteit van bovengenoemde functies is dermate hoog dat deze geclusterd, effectief en efficiënt aangeboden kunnen worden. In de kleine kernen ziet Sint Joris uiteraard ruime mogelijkheden om nog langer thuis wonen te stimuleren. Ook zijn er mogelijkheden om in een aantal van de kleine kernen een kleinschalige voorziening op te zetten waarbij 2 keer een groep van 8 cliënten haalbaar zou kunnen zijn. Belangrijke voorwaarden daarbij zijn:
- Er moet voldoende vraag zijn voor een kleinschalige voorziening van 2 keer 8 cliënten.
Clustering van doelgroepen in samenwerking met o.a. de verstandelijk gehandicaptenzorg. - Samenbrengen van functies waarbij de zorg thuis (Awbz en Wmo) onderdeel uitmaakt van de kleinschalige voorziening.
- Inzet van domotica (elektronische hulpmiddelen) en samenwerking tijdens onrendabele uren zoals nachtzorg.
- Zorgtrajectbegeleiding, ketenzorg.
- Meer differentiatie in functies van medewerkers, waarbij ook arbeidsgehandicapten (o.a. wajongers) een kans krijgen.
Als we willen samenwerken, als geld niet de enige drijfveer is en als kwaliteit het belangrijkste uitgangspunt is, dan is Sint Joris er van overtuigd dat we ook op het platteland hoogwaardige zorg en dienstverlening kunnen bieden. Waarbij de sociale cohesie toeneemt en mantelzorg en vrijwilligerswerk meer vanzelfsprekend zijn. Een mooi voorbeeld vind ik de Zorgcoöperatie in Hoogeloon die nu ook samen met Sint Joris en Lunetzorg een kleinschalige voorziening wil gaan ontwikkelen in Hoogeloon.
Er zijn dus nog heel veel uitdagingen voor beleidsmakers binnen wonen, zorg en welzijnsorganisaties en uiteraard zal ook de gemeentelijke, provinciale en landelijke overheden hier een steentje aan bij moeten dragen, waarbij een nauwe samenwerking met de gemeentelijke overheid een must is.
Labels:
leefbaarheid,
platteland,
welzijn,
wonen,
zorg
donderdag 20 januari 2011
Een boeiend en inspirerend gesprek met Hans Pijnakker
In onze ontmoeting werd al snel duidelijk dat we veel gemeenschappelijk hebben. We hebben beiden ervaring in de justitiële psychiatrie en hebben ons beiden ook steeds gemanifesteerd in maatschappelijke betrokkenheid en opleiding van mensen die interesse hebben in de kwetsbare kant van de samenleving.
De uitspraak van Hans "ethiek moet terug in de politiek" klinkt als een mooie mantra na in mijn gedachten.
Het thema van het platteland is voor ons beiden Leefbaarheid. Hoe je het wendt of keert het dominante thema op dit moment in veel dorpse gemeenschappen is de dreiging van welzijn en gezondheid voor mens en dier. Dit moet wat ons betreft geen beweging van not in my backyard zijn.
Wij zouden het fijn vinden dat de verschillende krachten in de provincie gebundeld worden. Want de echte verandering zal van onderop met solidariteit uit de samenleving moeten komen. Het gaat niet om een strijd tussen burgers en boeren. Het gaat over een beweging waarin we met elkaar na durven denken over de kwaliteit van het samenleven.
Het fenomeen grootschalige intensieve veehouderij is een onderdeel van hoe markt en economische belangen ons steeds weer in een richting duwen die ons samen mens zijn geweld aan doen. De Rabobank, de veevoer industrie, de slachterijen, het ZLTO, maar ook supermarkt ketens en het consumentisme zijn maatschappelijke krachten die ons steeds weer een zelfde richting uit duwen.
Het gaat niet om wat je doet
Maar om de wijze waarop je wat doet
Er verandert niets als je niets anders doet
R.D.
Niet dat je tegen me loog,
Maar dat ik je niet meer geloof
Heeft mij geschokt
Nietzsche
Geluk is overal
Het steekt de kop op
Als je het niet verwacht
Jeannet van Ganzewinkel+
Bovenstaande uitspraken typeren de richting die we uit moeten. Ik ben dan ook blij dat ik mijn verhaal mag houden op 14 februari op een klein symposium georganiseerd door PRO in de Boogaard te Moergestel. De bedoeling moet zijn het koppelen van de onmacht en zorg over de intensieve veehouderij in heel de regio aan een breed gedragen maatschappelijk perspectief gericht op kwaliteit van samenleven, welzijn en gezondheid van mens, dier en boer.
Hans broedt nog op een te gekke massa actie waarbij het verkeerd aanwenden van de economische macht publiekelijk aan de kaak gesteld wordt. Genoeg is genoeg en het kan ook anders. We gaan er tegen aan.
De uitspraak van Hans "ethiek moet terug in de politiek" klinkt als een mooie mantra na in mijn gedachten.
Het thema van het platteland is voor ons beiden Leefbaarheid. Hoe je het wendt of keert het dominante thema op dit moment in veel dorpse gemeenschappen is de dreiging van welzijn en gezondheid voor mens en dier. Dit moet wat ons betreft geen beweging van not in my backyard zijn.
Wij zouden het fijn vinden dat de verschillende krachten in de provincie gebundeld worden. Want de echte verandering zal van onderop met solidariteit uit de samenleving moeten komen. Het gaat niet om een strijd tussen burgers en boeren. Het gaat over een beweging waarin we met elkaar na durven denken over de kwaliteit van het samenleven.
Het fenomeen grootschalige intensieve veehouderij is een onderdeel van hoe markt en economische belangen ons steeds weer in een richting duwen die ons samen mens zijn geweld aan doen. De Rabobank, de veevoer industrie, de slachterijen, het ZLTO, maar ook supermarkt ketens en het consumentisme zijn maatschappelijke krachten die ons steeds weer een zelfde richting uit duwen.
Het gaat niet om wat je doet
Maar om de wijze waarop je wat doet
Er verandert niets als je niets anders doet
R.D.
Niet dat je tegen me loog,
Maar dat ik je niet meer geloof
Heeft mij geschokt
Nietzsche
Geluk is overal
Het steekt de kop op
Als je het niet verwacht
Jeannet van Ganzewinkel+
Bovenstaande uitspraken typeren de richting die we uit moeten. Ik ben dan ook blij dat ik mijn verhaal mag houden op 14 februari op een klein symposium georganiseerd door PRO in de Boogaard te Moergestel. De bedoeling moet zijn het koppelen van de onmacht en zorg over de intensieve veehouderij in heel de regio aan een breed gedragen maatschappelijk perspectief gericht op kwaliteit van samenleven, welzijn en gezondheid van mens, dier en boer.
Hans broedt nog op een te gekke massa actie waarbij het verkeerd aanwenden van de economische macht publiekelijk aan de kaak gesteld wordt. Genoeg is genoeg en het kan ook anders. We gaan er tegen aan.
Hans bedankt!
Abonneren op:
Posts (Atom)






