donderdag 30 december 2010

Nummer 13 durft in de spiegel te kijken

@C:Raf Daenen: ‘Laat platteland de steden inspireren’
@1P:
@3K:Nummer 13 durft in spiegel te kijken
@2F:Westelbeerzenaar Raf Daenen afkomstig uit de Belgische Kempen, is inmiddels verknocht aan het platteland van de Nederlandse Kempen: ‘Het voelde als thuiskomen’.

@2I:WESTELBEERS – Gepokt en gemazeld in de Oirschotse politieke arena, kun je rustig stellen. Binnen enkele jaren tijd van de oppositiebankjes naar het wethouderschap en weer terug. Tijdens zijn driejarige wethoudersperiode moest hij zich verantwoorden over de terugbetaling van uitkeringsgelden en voor de begrotingsperikelen bij het kunstgras van voetbalvereniging Beers Boys. Twee dissidenten stapten uit zijn PvdA-fractie en gaven hun zetel niet terug, de coalitie van DV, DGM en PvdA haalde de eindstreep niet en bij de gemeenteraadsverkiezingen werd zijn partij ook nog eens gehalveerd. Toch gaat Raf Daenen (56) onverdroten voort: hij gelooft dat het stimuleren van het goede in de mensen per definitie winst is. Inmiddels staat hij als nummer 13 (!) op de kandidatenlijst voor de provinciale PvdA met de speerpunten Jeugdzorg en Plattelandsontwikkeling. Welke kracht drijft hem? Een gesprek met Daenen over cultuur, voetbal, zijn Belgische achtergrond, verharding in de maatschappij, religie, zedendelicten, en over zijn werk als docent aan Fontys Sociale Studies, intensieve veeteelt en over ‘positief benaderen’. Ja, waarover eigenlijk niet?

@1P:<I>door Rens van Ginneken<I>

@1P:Koffie en een kerstkransje binnen handbereik. Raf Daenen kiest een karakteristieke houding als hij het gesprek opent: beetje schuin gezakt en met weidse armgebaren de vlotte Vlaamse tong ondersteunend. ‘Ik heb mijn jeugd doorgebracht in Zonhoven, in de Belgische Kempen bij Hasselt en Houthalen. Allemaal mijndorpen. Ik werd al jong geconfronteerd met de positie van de arbeiders. Ons gezin telde liefst elf kinderen. Mijn vader was boer, maar ging later werken in de metaal in Luik. Hij was wel duidelijk liberaler dan ik, een echte Vlaming’, lacht Daenen. ‘Ik raakte geïnteresseerd in politiek toen ik in 1978 op een markt de bekende socialistische voorman Willy Claes sprak. Hij vertelde dat ik de politiek moest ingaan.’ Toch zou het nog tot 1996 duren voor Daenen die stap daadwerkelijk zette. Na het atheneum verhuisde hij naar Nederland om er in de psychiatrie te gaan werken. Hij grinnikt: ‘Nog zie ik mezelf aankomen met mijn koffertje op het Eindhovense station. In Eindhoven werkte ik vanaf het begin op een TBS-afdeling. Dan krijg je de kwetsbare kant van de samenleving wel te zien.’ Daenen schakelt nogal snel in het gesprek. Wijdt uit over het één, om dan plots bij een ander onderwerp uit- of terug te komen. Het is zijn typische manier van argumenteren, die sommigen als ‘warrig’ zullen interpreteren, maar als je wat langer met hem spreekt, ontdek je de verbanden in zijn verhaal. ‘Het sociaal-democratisch bewustzijn betekent niet dat iedereen maar gepamperd moet worden. Je moet mensen tegenspel bieden. Je kunt alles dichttimmeren met regels en sancties, maar beter kan je het gedrag proberen te beïnvloeden, door zelf het voorbeeld te geven en de persoonlijke confrontatie aan te gaan. Via mijn ervaring in het welzijnswerk zie ik dat mensen het werk steeds vaker als baan zien, dan als roeping en dat de individualisering en de marktwerking bepalend worden. Nu ben ik niet tegen marktwerking, maar je moet niet de waarden en normen loslaten. Bij kleinschalige initiatieven, met intensief contact met de cliënten zoals Buurtzorg, in plaats van grote zorgcentrales, zie je ook beter teamwerk en betere resultaten. Als je met een buurtvereniging een speeltuintje regelt, gaat het veel sneller en goedkoper dan dat je dat door een logger overheidsorgaan laat doen, omdat die aan veel meer regeltjes moet voldoen. Wat dat betreft is de provincie goed bezig door dorpsontwikkeling te stimuleren. In Wintelré werd een MFA gerealiseerd, dorpsraden in Oostelbeers en Spoordonk blijken capabel om van alles zelf te regelen. Ook in de agrarische sector zie je dat de grootschaligheid uiteindelijk in zijn eigen staart bijt. Ik was tien jaar geleden ook al voor de reconstructie. Maar nu worden we geconfronteerd met een ongewenste grootschaligheid in de intensieve veeteelt. Lokaal leidt het soms tot een verdubbeling van het aantal dieren en halvering van het aantal boeren. De sector staat op het punt om de grenzen van gezondheids- en milieurisico’s te overschrijden en grote boeren vreten de kleintjes op. Het enige perspectief: inzetten op kwaliteit in plaats van kwantiteit. We moeten voorkomen dat de boeren straks verdreven worden uit de samenleving, dus: samen een leefbare context creëren. Het principe is niet veel anders dan met kinderen. Je maakt ze individueel, van dichtbij mee, je luistert, beloont en sanctioneert. Vanaf een bepaald punt hoop je dat ze zelf kunnen nadenken en verantwoord handelen.’

@T:Vergelding

@1P:Daarmee zwenkt het gesprek naar ons rechtssysteem. De maatschappij roept steeds vaker om zwaardere straffen. Is dat terecht? ‘Na de zedenzaak in Amsterdam zag je dat men meteen maatregelen eist. De media rennen daar nogal hijgerig achteraan, waardoor je een sfeer krijgt, waarin je, in de waan van de dag, geneigd bent snel maatregelen te forceren en regels aan te passen. Eigenlijk moet je wat afstand nemen, om dan na een paar maanden te bekijken of verandering nodig is. Amsterdam is een gruwelijk incident met één zieke geest in de hoofdrol. Hoe erg ook: zulke dingen gebeurden duizend jaar geleden ook al. Wanneer je mensen dwingt om van alles stiekem te doen en om overtreders zo lang en zoveel mogelijk ‘weg te stoppen’, kan de maatschappij niet meer op een natuurlijke manier corrigeren. Je verliest de dagelijkse controle. Twintig jaar geleden zat ik met een groep van tien TBS-ers in een huisje vakantie in Zeeland. We deden wat andere toeristen ook doen en wisten: ‘Als wij iets stoms doen, dan houdt het op, voor ons en alle anderen na ons.’ Vanuit de psychiatrie weet ik dat je moet inzetten op het positieve voor het beste leereffect. Je moet streng, maar wel rechtvaardig zijn. Er komt vanuit de massa nu een roep om vergelding, meer dan om passende straf. Helaas blijkt proefondervindelijk dat het juist averechts werkt. Mijn drive gaat tegen de huidige beweging in. We moeten verantwoording nemen, mensen aanspreken op gedrag. Er moet een gemeenschap zijn om op te bouwen, we moeten er zijn voor iedereen. Weet je: opvoeding is het mooiste proces wat er is. Waarvan je houdt moet je wel tegenspel geven, zodat het zich in schoonheid kan ontwikkelen. Als een muzikaal talent nooit hoort ‘Dat kan beter’, dan wordt hij ook nooit top. Je moet het talent koesteren, maar van teleurstellingen leer je veel meer dan van successen, neem dat maar van mij aan’, verzekert hij. De landelijke PvdA werd door de kiezers afgestraft met de laagste zetelscore sinds jaren. ‘PvdA had dit verlies nodig. Er is een sociaal ongenoegen; daarin moet je mensen tegemoet treden. Veel PVV-stemmers zijn teleurgestelde PvdA-mensen. Mensen kozen uit frustratie PVV, uit angst voor verlies van eigen identiteit, door veranderingen in hun omgeving. In diezelfde omgeving zie je gekleurde mensen vluchten in hun eigen cultuur en religie. We moeten eerder inzetten op het aanleren van de Nederlandse taal: essentieel om deze mensen echt bij onze samenleving te betrekken. Wij als PvdA moeten zorgen dat we weer betrouwbaar zijn. We moeten weer volmondig zeggen: ‘Dit zijn onze mensen!’ Bij CDA zie je overigens een vergelijkbare tendens. Er treedt nu een conservatief/liberale hoofdstroom naar buiten die nauw aansluit bij de verharding van VVD en PVV, zodat sociaal-christelijke CDA-ers zich niet meer in de partij herkennen.’

@T:Jezus Christus

@1P:Regelmatig botste Daenen met de meer rechtlijnige ideologen binnen zijn partij. ‘Zelf ben ik meer van het luisteren en het proces ingaan, liefst met humor. Waar ik wel van schrok is hoe er met mijn vermeende politieke blunders werd omgegaan, door publiek én politiek. De informatieverstrekking was niet best. Dan mis je toch een kritische pers, die toetsend werkt en zaken boven tafel haalt. Desondanks kan ik nog steeds met goede zin opstaan en durf ik in de spiegel te kijken. Voor gewetensvragen ben ik niet zo bang, wellicht door mijn religieuze achtergrond?’ Daenen is naast sociaal-democraat ook praktiserend katholiek. Bijt dat elkaar niet? ‘Nee, zeker niet. Ik geloof in het goede in de mensen en dat we hier zijn om het goede te doen. Ik weet zeker dat God van ons allemaal evenveel houdt. Een goed christen is eigenlijk per definitie een goede sociaal-democraat. Volgens mij was Jezus Christus de eerste socialist, haha!’ Hij gelooft daarnaast ook nog in de kracht van het platteland en de kleine gemeenten: ‘De mensen leven er dicht bij elkaar, de sociale controle, als je het zo wil noemen, is er groot. In die cohesie kan er veel bereikt worden. Mocht ik straks voor de provincie gekozen worden, dan wil ik die inspirerende boodschap naar de steden brengen. Voor de steden komt het platteland op het tweede plan, terwijl ze van de wijze van samenleven in de kleinere kernen veel kunnen leren. Een tegenwicht voor het onpersoonlijke karakter van de stad, waardoor je de verharding kan tegengaan.’ Wat is de uiterste houdbaarheidsdatum van een politicus? Daenen: ‘Ik draai nu tien jaar mee als wethouder en raadslid in Oirschot. Het is lastig aan te geven. Over een tijdje wil ik mijn zetel overdragen. Verandering is nodig af en toe. Het is moeilijk een goed uitstapmoment te kiezen. Daar gaan er veel de fout in, ze blijven meestal te lang zitten. Femke Halsema was afgelopen week de beste ‘afscheidnemer’ die ik ooit zag: precies het goede moment.’ Hij tuurt naar het Siciliaanse wijntje, waarnaar we inmiddels zijn overgeschakeld. ‘Wethouder zou ik nog weleens willen worden…’, mijmert de Westelbeerzenaar. We praten nog over de bezuinigingen op kunst en cultuur: ‘Voor mij ondenkbaar: kunst is de tegenhanger van het sanctioneren. Als we niet oppassen wordt alles een soort Idols. Echte kunst brengt je bij het goede leven, da’s onmisbaar. Zo kan ik trouwens ook meer genieten van het gedreven voetbal van Beerse Boys dan van het plichtmatige PSV.’ Daenen is naast zijn werk aan het Fontys en zijn politieke werkzaamheden geregeld te vinden op Sportpark De Klep. ‘Meestal als supporter van de Boys, een enkele keer nog als ‘inleentrainer’, lacht hij. Wordt het met een mogelijk provinciale politieke carrière niet een overvol schema? Weer die herkenbare lach: ‘Ha! Maar ik heb een goede vrouw. Zij stelt grenzen aan mijn politieke ‘hobby’, zodat ik er ook voor het gezin nog ben. Dan gaat zijn mobieltje en staat hij op. Weer genoeg gehobbyd vandaag.

Bron: Trompetter

woensdag 29 december 2010

Schoolbordtekeningen

Sinds een aantal jaren is Rinus van den Boomen gepensioneerd. Rinus heeft gewerkt als onderwijzer in het basisonderwijs. Als onderwijzer heeft Rinus honderden schoolbordtekeningen gemaakt. Rinus gebruikte de bordtekeningen onder meer om gebeurtenissen in de klas en in het leven van de kinderen bespreekbaar te maken. Ook tijdens het afnemen van dictees en bij het vertellen van spannende verhalen maakte Rinus bordtekeningen. Voor mensen als Rinus neem ik mijn petje af. Door zijn creatieve insteek heeft hij een groot aantal leerlingen een prachtige schooltijd bezorgd.


Op de website van Erno Mijland zijn nog meer tekeningen van Rinus van den Boomen te vinden.

dinsdag 28 december 2010

Megastallen Huigevoort en Heiakker

De pvdA Oirschot heeft zich direct kritisch uitgelaten over de inventarisatie lopende zaken Intensieve Veehouderij van CDA gedeputeerde van Heughten. Hierdoor werden er andermaal verwachtingen bij ondernemers gewekt die we niet waar moeten willen maken. Voor het gebied Huijgevoort/ Heiakker betekent dit dat er in een klein nabuurschap op 6 bedrijven extra ontwikkelingen zich aandienen. Als PvdA hebben we daarom, middels een provinciale motie, in antwoord op de inventarisatie van CDA gedeputeerde van Heughten een appel gedaan op de actieve informatieplicht van gemeenten en provincie aan omwonende als het gaat om de effecten van deze ontwikkelingen op gezondheid en welzijn van mens en dier. Ook in Provinciale Staten is er tegen de CDA en ZLTO- lobby in, mede door de inzet van de PvdA flink op de rem getrapt, wat het bieden aan ruimte voor lopende zaken betreft.Als PvdA oirschot gaan we graag in op de uitnodiging van het Actiecomité "Stop MEGA-Stallen Huijgevoort en Heiakker".

Wat ons betreft:
  • Is genoeg genoeg, iedere opschaling van IV bedrijven gaat ten koste van lokale dinamiek.
  • Als PvdA gaan we in antwoord op grootschaligheid voor een kwalitatieve veehouderij, terug naar de maat die bij het Brabantse landschap past.

Prettige feestdagen

Ode aan opvoeders

Een welgemeende kerstwens van mijn goede vriend Rens:

We dwalen rondjes door de feestelijk aangeklede basisschool. Buiten troffen we al gezelligheidsaanwakkerende vuurkorven. Elke klas heeft zijn eigen specialiteit. In een lokaal kan je terecht voor kunstig gezaagde sterren van Bethlehem, bij de buren kun je tomatensoep uit een grote ketel bekomen of zelf een peperkoek kerstig versieren. Verderop kan men op de foto met ‘Santa’ in een soort Sumoworstelaarpak. Voor de ouders is er een aanlokkelijke glühweinkraam. ‘Maximaal twee glaasjes per persoon’, meldt de bediening. Is de voorraad beperkt, of kent men mijn dorst? Een enthousiast gitaarspelende leraar trekt door de gangen. Groep 8 sliert ‘Jingle Bellend’ in zijn kielzog. Onze oudste zong het liedje jarenlang steevast met de tekst ‘Oh, what fun, the discoride’. Logisch, vond ik wel. Bij de ongebreidelde kinder-kerstvreugde past best een stukje joyriden in de disco, op een arrenslee. In groep 7 wordt een zangspel opgevoerd. Een meisje gaat met de pet rond, voor het goede doel. Je kan dezer dagen natuurlijk niet collecteren voor een nieuw behangetje in de lerarenkamer. De leerkracht heeft mijn speciale aandacht. Niet alleen omdat ze er zo leuk uitziet, maar vooral omdat ze het zo duidelijk ‘in de vingers heeft’. Op haar stille wenken staan de brave kinders op, gaan weer liggen, of starten hun aandoenlijk gezang. Geen enkele wanklank. Met een mengeling van bewondering en lichte afgunst sla ik het gade. Zelf heb ik nog een blauwe maandag in het onderwijs gewerkt. Mijn allerlaatste groep was Druk, met wekelijks zes (!) verschillende, goedbedoelende leerkrachten. Dit kon niet zonder gevolgen blijven. Met name in mijn geval, zo groen als gras in het vak. Ik schijn vaker die onbegrijpelijke gedachte op te roepen: ‘Met hem gaan we lachen!’ Leuk voor in de kroeg, maar ik besefte terdege dat dit in een onderwijsinstelling niet kon werken. Vaak probeerde ik vergeefs het tij te keren. In mijn toenemende frustratie leek ik soms meer op Achmed the Dead Terrorist (‘Silence! I kiel you!!!’) dan op het gewenste rustbaken in de klas. Tijdens een schilderles moest ik eens anderhalve minuut de klas uit, om papier te halen. Bij terugkomst trof ik een joelende bende, rondom een bijna geheel ontklede negenjarige, van top tot teen ge-bodypaint. Ongeveer toen besloot ik het onderwijs even te laten voor wat het was. Soms kriebelt het nog wel eens, zoals nu, in deze harmonieuze sferen. In ieder geval: mijn bovenmatige sympathie hebben ze, al die mensen van het edele leerkrachtengilde! Onvervaard brengen ze onze koters de beginselen van de fotosynthese bij, de Grootste Gemene Deler en de topografie van Oezbekistan, ondertussen bloedneuzen deppend, sinaasappels pellend en liefdesverdrietigen troostend. Kortom, mijn kerstgedachten gaan uit naar deze Mooie Mensen met een Missie. Geef ze ballen en een piek, drie weken op de lange latten in Chamonix en een rijk gevulde dis: ze hebben het zó verdiend!!

Zalig Kerstfeest!

maandag 27 december 2010

Mijn motivatie...

Als boerenzoon ben ik op mijn negentiende als verpleegkundige migrant van de Belgische Kempen naar de Nederlandse Kempen gekomen. Mijn leven ben ik actief geweest in zorg en welzijnswerk: als psychiatrisch verpleegkundige, afdelingshoofd van een TBS-kliniek, innovator in het ouderenwerk 'Vitaal Grijze'. teamleider opleidingen cultureel en maatschappelijk werk, wethouder maatschappelijke ontwikkeling, fractievoorzitter van de PvdA Oirschot en docent management en organisatie bij Fontys Sociale Studies.

Als 56-jarige jongeling woon ik al bijna dertig jaar samen in de mooie plattelandsgemeente Oost- West- en Middelbeers (sinds 1997 behorend tot de gemeente Oirschot). Ik ben vader van drie opgroeiende kinderen van 19, 18 en 15 jaar. Mijn grote hobby's zijn voetbal en toneel, waarbij ik de talenten van mijn kinderen zoveel mogelijk ondersteun.

Ik wil me inzetten voor:
  1. De leefbaarheid in kleine kernen.
  2. Bouwen voor jongeren in de plattelandskernen.
  3. Ouderen als vitale kracht van de samenleving.
  4. Een mens- en diervriendelijke veehouderij.
Kortom:
Behoud van een platteland waar het leuk wonen, werken en recreëren blijft, wat een zege is voor een duurzame Brainportregio met haar kenniswerkers.

Een alternatief kerstverhaal

Een leuk kerstverhaal ontvangen van mijn vrienden Sjors en Jan:

Op de aarde is het bijna Kerst maar in veel landen gebeuren verschrikkelijke dingen. Geleerden hadden iets ontdekt in het heelal, maar ze wisten niet wat het was. Ze zagen dat een planeet begon te gloeien. Op die planeet lag een eig en dat ei werd een kerstmonster. Het kerstmonster werd steeds groter en groter. Op Kerstavond sprong het monster van de planeet naar de aarde. Hij stond daar stiekem op het mooiste plekje van de Kempen bij de Keijenhurk, een plekje waar niemand hem kon zien en laat daar een gruwelijke vrede's scheet. En vanaf dat moment was het vrede op aarde. Het monster sprong terug op zijn planeet en de planeet ontplofde. Op de aarde gaf iedereen elkaar een hand, de mensen waren weer lief voor elkaar en de planeet ontplofde. Op de aarde gaf iedereen elkaar een hand, de mensen waren weer lief voor elkaar en de wapens werden begraven. Een jaar later spitten ze de wapens weer uit de grond, het waren geen wapens meer, het was nu speelgoed voor de kinderen.

donderdag 23 december 2010

Zorgen over jeugdbeleid en jeugdzorg

Vandaag vragen gesteld in de Oirschotse gemeenteraad over het oprichten van een Centrum voor Jeugd en Gezin. Al eerder hebben we als PvdA schriftelijke vragen gesteld over de invoeringsdatum en strategie van het Centrum voor Jeugd en Gezin binnen de gemeente Oirschot.

Volgens onze berichten is iedere gemeente per 1 januari 2011 verplicht een vorm van inloop of viruteel Centrum voor Jeugd en Gezin te hebben.
  • Kloppen deze berichten nu wel of niet?
  • Wat is er tot nu toe gebuerd met de doeluitkering Centrum voor Jeugd en Gezin?
  • Lopen we nu subsidie mis of worden we anderszins als gemeente gesanctioneerd?
  • Wordt er met betrekking tot het Centrum voor Jeugd en Gezin samengewerkt in Kempen verband?

Als PvdA hebben we de indruk dat na de formulering van een concept visie januari 2009 er nog weinig gebeurd is. In het belang van onze opgroeiende jeugd roepen wij het college op, als de wiede weerga aan de slag te gaan en de discussie met de raad, onze inwoners, verenigingen en de professionele instellingen voortvarend aan te pakken!

Deze gang van zaken  is een rede te meer om vanuit Provinciale Staten te bewaken dat een zorgvuldige overdracht van de Jeugdzorg richting gemeenten plaats vindt. Ik steun van harte het principe dat de zorg voor jeugd zo dicht mogelijk bij het samenleven van mensen aansluit. Echter zeker met bezuiningingen voor de boeg maak ik me toch wat zorgen of gemeenten voldoende politieke en bestuurlijke prioriteit geven aan deze de overdracht. Voor mij heeft het bewaken van een duurzaam jeugdbeleid de hoogste prioriteit. Ik heb hierbij de volgende prioriteiten:

  1. Professionele organisaties zijn dienstbare netpartner als het gaat om het belang van ouder en kind en de het samenwerken aan een goed opvoedkundig klimaat thuis en in de samenleving.
  2. Professionele medewerkers en vrijwilligers van alle plaatsen waar jeugdigen komen (bijvoorbeeld scholen, sportclubs, speeltuinen), zijn zich bewust van hun opvoedende taak. Hun activiteiten zijn gericht op een gezonde ontwikkeling van de jeugdige.
  3. De cultuur in voorzieningen en organisaties voor jeugdigen is gezond voor de persoonlijke ontwikkeling van de jeugdige. Dat wil zeggen dat de cultuur gericht is op gemeenschappelijkheid en op zorgzaamheid voor elkaar.
  4. (Dreigende) storingen in een gezonde ontwikkeling van de jeugdige worden gesignaleerd. In een zo vroeg mogelijk stadium wordt bij het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) om advies gevraagd.
  5. Als jeugdigen en/of hun ouders hulp of ondersteuning nodig blijken te hebben, wordt die zo dicht mogelijk bij huis geleverd. Op die manier komt de jeugdige niet buiten zijn eigen leefwereld te staan.
  6. Als ontsporing van een jeugdige onvermijdelijk is gebleken, moet hierop op de juiste wijze worden gereageerd. Algemene voorzieningen zijn daartoe niet meer toereikend. Gespecialiseerde organisaties zullen hier het voortouw moeten nemen. Ontspoorde jongeren mogen geen negatieve invloed krijgen op de cultuur in algemene voorzieningen.
  7. Er wordt efficiënt samengewerkt met organisaties die bijdragen aan de gezonde ontwikkeling van jeugdigen én met opvolgende organisaties die meer gespecialiseerde hulp en ondersteuning leveren. Het scharnierpunt voor de samenwerking is het Centrum voor Jeugd en Gezin.
  8. De professionele inzichten van beroepskrachten zijn een belangrijke leidraad in organisaties.

woensdag 22 december 2010

Brabants volkslied?

Jongeren op het platteland

Plattelandsjongeren luiden de noodklok. Uit onderzoek van plattelandsjongeren.nl blijkt dat gemeenten op het platteland te weinig doen om jongeren aan zich te binden. Heel veel gemeenten kampen met het fenomeen van vergrijzing en ontgroening. Ook de Kempen heeft met deze problemen te maken.

In Reusel gaan er al stemmen op om maar niet meer te bouwen voor starters omdat er zoveel leegstand is. Willen we jongeren binden aan het platteland dan zullen we zorg moeten dragen voor betaalbare starterswoningen. Met name de plattelandsgemeenschappen hebben input van de eigen jeugd hard nodig: voor het verenigingsleven, de basisscholen maar ook om de balans in de gemeenschap te bewaren. Het investeren in jeugd is niet voor niets het belangrijkste speerpunt van de Dorpsontwikkelingsplannen in Spoordonk en Oostelbeers.

Plattelandsgemeenschappen hebben zeker hun scharmes als het gaat om zorgen voor elkaar, sociaal ondernemerschap, creatieve verenigingen en gezond en veilig opgroeien (lees mijn boekje Kracht van de kleine gemeenten).

Het evenwicht tussen het zijn van een slaapplaats van the happy Few en een vitale gemeenschap is erg kwetsbaar. Belangrijk is te investeringen in bereikbaarheid, bedrijvigheid en betaalbare woningen.

Als kandidaat voor Provinciale Staten (nr13) wil ik me dan ook met hart en ziel inzetten voor het behoud van het jeugdige Elan in de kleine kernen. Als PvdA vinden we dat bouwen voor starters in de plattelandskernen de hoogste prioriteit heeft.

Kortom zonder jongeren geen vitaal platteland!

zondag 19 december 2010

Brief aan mijn studenten

Het spookt nu al enkele dagen door mijn hoofd, "Meneer U bent zo negatief cynisch". Ben ik zo cynisch, wil ik cynisch zijn. Als ik eerlijk ben dan ben ik de laatste tijd tegen mijn positieve natuur in best cynisch. Cynisch over de bureaucratie op de opleiding en in het werkveld, cynisch over de bonkende reclame op mijn radio, tv en computer, cynisch over de markt luchtbel waarin we leven, cynisch over linkse feestjes en rechts populisme. Cynisch over de weinig verheffende communicatie op wat genoemd wordt sociale media. Cynisch over de weinig behoeftige verdieping bij studenten, cynisch over de toetsing en controle manie. Ja hierover ben ik cynisch en kan ik me soms erg machteloos en alleen voelen.
Verleiding, emotie en angst voeren de boven toon in de wereld om me heen.
Maar toch ben ik overtuigd van de andere weg, liefde, creativiteit, trots, betrokkenheid. Vroeger mocht je me wakker maken voor een Belgisch frietje en een potje voetballen. Nu mag je me wekken voor een goed gesprek. Ik geniet van betrokken studenten, ik hou van mensen die anderen nabij willen zijn in moeilijke momenten. Aanwezige vriendschap van vlees en bloed is me dierbaar. Zelfs van een kritische analyse of goede feitelijke informatie kan ik genieten. Wat ik jullie, onze studenten, wil zeggen is dat jullie hopelijk straks nog 1 van de mooiste beroepen in de wereld mogen uitvoeren, mensen helpen die het niet zelf redden. Koester jullie betrokkenheid, zing, dans, vecht en bewonder zodat we het menswaardig uit blijven dragen als antwoord op een oprukkende consumentisme en populisme. Ik hou van gedreven studenten die anderen willen helpen,. Direct, eerlijk en oprecht hun nek uit willen steken. Je krijgt het niet voor niets maar mijn deur staat voor je open mocht ik iets voor je kunnen betekenen.

donderdag 16 december 2010

Gesjoemel en gerommel

Gezinsbedrijven van 1,5 ha bouwblok bieden ruimte voor een gezonde bedrijfsvoering en zijn het beste antwoord op de beweging van groot, groter, grootst. Als we dan met het intrekken van niet gebruikte milieu vergunningen het totale aantal dieren in Brabant met 10% kunnen terug brengen bewijzen we echte gezinsboeren, milieu, natuur, welzijn en gezondheid van mens en dier een grote dienst.

Volgens mij staan we als PvdA niet alleen als het gaat om het doen van een pas op de plaats met de intensieve veehouderij. Zelf het Provinciale CDA was na het burger initiatief "Mega stallen NEE"hier voorstander van.

Het kan dan ook niet zijn dat er via een indirecte weg toch nog ruimte gecreëerd wordt. Onder het mom van Lopende zaken, via de lokale lobby aansluitend op de rondgang van gedeputeerde Van Heugten vindt er een extra toeloop plaats van lopende zaken.

Oirschot als voorbeeld: Er worden hier een tiental aanvragen, sommigen van meer dan vier jaar geleden als Lopende Zaken door de wethouder naar voren gedragen. Met de gemeente verkiezingen alweer lang uit beeld, geen acute crisis als het gaat om welzijn en gezondheid van mens en dier, wordt een motie, van de Locale CDA gesteund door VVD, GM, DV en zelfs D66 aangenomen. Met als doel gemeenten hun autonome verantwoordelijkheid niet te ontnemen. Dus hun gang laten gaan.

We moeten niet mee willen werken aan deze typische CDA U-bocht. Het argument dat ondernemers die geïnvesteerd hebben door moeten kunnen is een schijn argument. Net door deze lopende zaken toch mogelijk te maken, worden lokale handen ingeruild voor goedkope Zuid-Europese gastarbeiders. De echte gezinsboeren worden andermaal door eigen branche genoten langzaam de keel dicht geknepen en kapot geconcurreerd. En dit alles ter meerdere eer en glorie van een handje vol Concernboeren.

Er veranderd niets als er niets veranderd

woensdag 15 december 2010

Nieuwe jeugdhulpverlening


Witte probleemjongeren verzuipen in de zorg en gekleurde probleemjongeren tekenen voor een carrière in de criminaliteit?

OF

Een nieuwe jeugdhulpverlening als antwoord op een doorgeschoten individualisme?



De komende jaren zijn er heel wat ontwikkelingen met het vorm geven aan jeugdbeleid te verwachten. Bijna alle gemeenten hebben een Centrum Jeugd en Gezin. Grote gemeenten zijn bezig met een Veiligheidshuis waarin alle organisaties op het grensvlak van zorg en justitie samenwerken en maatwerk proberen te leveren. Provincies zullen de komende jaren afstand doen van de Jeugdzorg. Dit biedt een kans om zaken dicht bij huis goed geregeld te krijgen. Een aantal voorzieningen zullen regionaal en bovenregionaal geregeld moeten blijven.

De vraag is of de oplossing van de jeugdproblematiek alleen moet worden gezocht in de opzet van het voorzieningenstelsel. De jeugdproblematiek wordt immers mede gevoed door maatschappelijke ontwikkelingen. Een marktgerichte individualistische samenleving, waar nieuwe communicatiemedia alles en iedereen op elk moment informeren en confronteren met alle verlokkingen en ellende in de hele wereld biedt een voedingsbodem voor zowel directe behoeftebevrediging als voor schuldgevoel en afschuiven van verantwoordelijkheid. Door de snelheid van de ontwikkeling wordt hijgerig de norm; niet alleen in de politiek maar ook in de moderne samenleving, de opvoeding en de houding van ouders. Bij een aantal jeugdigen ontstaat het gevoel te behoren tot een "verloren generatie": ze komen niet of moeilijk aan het werk, de oudere generatie heeft goed voor zichzelf gezorgd, en laat de jeugd achter met schulden en desillusies. Dat kan leiden tot een houding van "wat doet het er allemaal toe", of erger, van "pakken wat je pakken kan".

Ouders met of zonder diploma zijn en blijven primair verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kinderen. En dat gaat in veruit de meeste gevallen (90%) erg goed. Echter diagnoses als PDD-NOS, adhd, dislectie, autisme en Asperger etc., komen steeds vaker voor. Ook straatterreur, jeugdcriminaliteit, drank- en drugsgebruik vragen veel aandacht.

Voor de aanpak van het probleem van opvoeding van Marokkaanse jongens moet de positie van de ouders versterkt worden. In multi-problem gezinnen is er behoefte aan moeizorg, steun en sturing om niet meegezogen te worden in allerlei marktverleidingen, van leningen voor LCD schermen, bankstellen of snoepreisjes en ongebreideld gebruik van mobiele telefoons.

Waar de schoen bij het opvoeden en opgroeien echt wringt, is de aandacht voor de gemeenschap en het samenleven. Wat meer structuur en sturing bij voetbalclubs, verenigingen en scholen doet wonderen. Afspraken bij het hanteren van nieuwe communicatie- en informatiemedia zou menige teleurstelling of beschadiging voorkomen. Professionals in zorg en welzijn die niet alleen maar aandacht besteden aan het individu, maar ook aan de omgeving en de samenleving zou een slok op een borrel schelen. Ook het maken en naleven van fatsoensafspraken op de financiële markten of in het bedrijfsleven zou een bijdrage kunnen leveren.

Onze samenleving vraagt om een vorm van maatschappelijke opvoeding voor jong en oud, rijk en arm, gekleurd of blank, waarbij voorbeeldgedrag, gezamenlijke afspraken, duidelijke kaders en rechtvaardig doch streng optreden tegen raddraaiers voorop staat.

Intensieve veehouderij

Enkele gekken maken zich druk over de klimaattop in Kopenhagen. Maar heel Nederland deint mee op de angst golven van de varkensgriep en Q-koorts. Wie het kleine leed vreest stelt zich aan grote rampen bloot.

Als mensen soort kunnen we ons wapenen tegen ziekte verwekkers door ons weerstandsvermogen te vergroten. We kunnen ook bij elke vermeende scheet het zwaarste medicijnen inzetten om elk risico te vermijden.

Eigenlijk is Nederland en de wereld toe aan bestuurders die verder kijken dan hun neus lang is. Regels tot een minimum beperken en mensen aanspreken op hun verantwoordelijkheid en waar nodig streng doch rechtvaardig sanctioneren. De media gedreven democratie zou dergelijke bestuurders binnen de kortste keren de nek om draaien. Want door mensen hun leven te laten leven gaan er ook wel eens dingen mis. En dat mag of kan toch niet! Niemand heeft ten slotte het eeuwige leven en dat is maar goed ook.

Als we met zijn alle 2 dagen per week vegetarisch eten is een groot deel van het klimaat probleem opgelost. Hoeven minder dieren op een zelfde ruimte gehouden te worden. Waardoor het epidemische effect van bacteriën en virussen, weer beheersbaar wordt. Waarschijnlijk past dit niet in de consumptiemaatschappij maar volgens mij is het wel de richting waarin dingen zich moeten ontwikkelen om echte rampen te voorkomen.

maandag 13 december 2010

Brabantse identiteit

De PvdA heeft het imago de belangen van de boeren tegen te werken. Maar het gaat er om waar de Provincie Noord Brabant op in wil zetten. In de Telos driehoek: mensen, ruimte, economie, liggen er belangrijke uitdagingen en bedreigingen voor Brabant en het platteland. We kunnen er niet om heen, de intensieve veehouderij belast de Brabantse natuur, het milieu en de gezondheid van mens en dier. Of anders gezegd, we hebben te veel varkens en kippen op een te kleine ruimte met alle gevolgen van dien.

De kracht van Brabant zit in:
  • Een parkachtig landschap omgeven door overzichtelijke middelgrote stadskernen, alle gekoppeld aan een eigen historische identiteit.
  • Een meer dan gemiddelde kennisinfrastructuur van HBO’s (HAS, Fontys, Avans), Universiteiten (Nijmegen, Wageningen, Tilburg en TUE) en maatschappelijke ondersteuningsorganisaties (PON, BOZ, Prisma, PRVMZVG, Telos), die Brabant op de terreinen van voeding, gezondheid, welzijn, arbeid, landbouw, natuur en milieu kunnen helpen om op een onconventionele wijze van bedreigingen kansen en uitdagingen te maken.
  • Een sociaal economisch klimaat waarbij het agrarisch gezinsbedrijf en de familiecultuur Brabant maakt tot het land waar het leven goed is.
De uitdaging voor het platteland is de bestaande sociaal economische infrastructuur op basis van gezins- en familiebedrijven perspectief te bieden en tegelijkertijd recht te doen aan natuur, milieu, dier en menselijk welzijn en gezondheid. De oude en de nieuwe wereld kunnen worden verbonden met behulp van oude en nieuwe kennis. We kunnen realistische perspectieven aandragen in antwoord op het huidige dominante markt denken dat leidt tot een cultuur van groot, meer en mega.

Brabant is weer toe aan een boerenstand en cultuur gericht op kwaliteit in plaats van kwantiteit.

De Reconstructie heeft ons veel goeds gebracht. De kwaliteit van het Brabantse Landschap is verbeterd. Helaas hebben de toenmalige bestuurders met "visie, lef en durf", Pieter van Geel en Lambert Verheijen de ontwikkelingen m.b.t. de mega industriële ontwikkeling in de intensieve veehouderij niet voorzien.

Een realistisch toekomst Perspectief!?

  • Het Brabantse innovatieve agrarische gezinsbedrijf van max. 1,5 ha vervult in Europa een voortrekkersfunctie als het gaat om kwalitatief hoogwaardige producten en een niet aflatende aandacht voor gezondheid, welzijn, milieu en natuur voor mens en dier.
  • Innovatieve kennisinstellingen (HBO’s en Universiteiten) vervullen hierbij een voortrekkende en ondersteunende rol op de niveaus van bedrijf, het netwerk, en het wettelijk en bestuurlijk niveau.
  • Bestuurders met lef. Net in tijden van crisis liggen er bestuurlijke kansen om op basis van visie echte doorbraken te forceren. Om de maatschappelijke confrontatie aan te gaan hebben we behoefte aan creatieve, zoekende en samenwerkende bestuurders met lef. Niet perfect, maar wel eerlijk en betrouwbaar.
  • Bestuurders die de confrontatie niet uit de weg gaan met voedings- en voederindustrie. Want laat ons wel zijn, naast de consument zijn het de banken (RABO), de veevoederindustrie (CEHAVE), de medicijnindustrie(AUV), de vleesmonopolisten (VION), de voedingsconcerns, (Campina, AH, Unilever) die bepalen welke richting de veehouderij uitgaat.
Nieuwe politiek en bestuur neemt haar verantwoordelijkheid voor een gezonde samenleving serieus en schroomt niet om hiervoor onconventionele maatregelen te nemen. Als het kan in goed overleg en als het moet met regels en daadkrachtige interventies.

Laat ons de draad van de reconstructie van het Brabantse platteland weer oppakken en terugbrengen naar waarvoor ze bedoeld was. Een gezond toegankelijk platteland waar de boer weer boer kan zijn, en zijn verantwoordelijkheid voor mens, dier en natuur weer serieus neemt, gesteund en gestimuleerd door een krachtige overheid die weet wat goed is en wat ze wil. Zodat de markt zich kan en moet richten naar de maatschappelijke norm.

Het Brabantse platteland waar de boer weer trots is op de duurzaamheid en kwaliteit van zijn bedrijf, zijn vee en de geleverde producten. Een boerenstand als belangrijke schakel in een gemeenschap waar werken, wonen en recreëren aantrekkelijk zijn en blijven.